De politie is je beste vriend

Door René van Wissen

26 juli 2004

“De overheid moet opiniemakers beschermen” stelde Bart Jan Spruyt, directeur van de Edmund Burke Stichting in een interview in HP/De Tijd van 25 juni 2004. In datzelfde interview gaf hij aan dat hij selectiever is geworden met het aannemen van uitnodigingen voor lezingen. Nog diezelfde week zei hij tegen de media dat hij voorlopig niet meer in het openbaar zal optreden

Spruyt wordt al sinds een jaar bedreigd wegens zijn politieke uitlatingen. Een tijdlang heeft hij dit stilgehouden, maar ten slotte bracht hij het in de openbaarheid, onder andere in het tv-programma NOVA.

In het genoemde HP/De Tijd-interview legde Spruyt uit dat hij aangifte van bedreiging had gedaan maar dat de politie hem niet wilde beschermen. De reden die de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (de AIVD) daarvoor gaf is dat hij niet tot “het rijksdomein” behoort, oftewel dat hij niet bij de overheid werkt.

Minister Remkes van Binnenlandse Zaken gaf in de Kamer aan dat het niet mogelijk is om deze bescherming te verruimen tot opiniemakers. Immers, dan zouden ook mensen die een ingezonden brief naar een krant schrijven moeten worden beschermd. Ja, stel je voor. Je zou zeggen dat iedereen in Nederland recht heeft op bescherming door de overheid.

Maar de overheid legt het zorgen voor veiligheid tegenwoordig anders uit dan het vrijwaren van mensen tegen moord, doodslag, diefstal en dergelijke. De veiligheid die ze bieden heeft meer te maken met voedsel (denk aan het oprichten van de Voedsel en Waren Autoriteit (VWA) en aan ambitieuze voedselveiligheidwet- en regelgeving) en het milieu (zoals het geven van voorlichting over de negatieve invloed van auto’s op onze leefomgeving), om nog maar te zwijgen over het verbod op het gebruik van ladders door glazenwassers. Het gaat hierbij in het algemeen meer om het beschermen van mensen tegen zichzelf dan tegen elkaar.

Omdat Spruyt niet op de overheid kan rekenen heeft hij, om zijn veiligheid zoveel mogelijk te waarborgen, een private beschermingsorganisatie ingeschakeld. Precies het soort organisatie dus waarvan tegenstanders van het libertarisme beweren dat die geen veiligheid kan bieden. Maar de bescherming kost de Burke Stichting te veel. Zo veel, dat de stichting het niet lang zal volhouden als hij steeds € 1200 (ex BTW) per avond waarop hij een lezing geeft aan beveiliging moet uitgeven.

Het is natuurlijk nogal een vreemde situatie. Spruyt heeft een baan in de private sector. De overheid neemt, zonder dat hij daarom heeft gevraagd, een deel van zijn geld van hem af, onder andere onder het mom dat ze het gaat gebruiken om hem te beschermen. Maar op het moment dat hij bescherming nodig heeft helpt de overheid hem niet. Dat betekent dat hij zelf voor bescherming moet zorgen―en dus dubbel betaalt.

En wat doet de overheid dan met het geld van Spruyt, dat bedoeld zou zijn om hem mee te beschermen? Dat wordt gebruikt om de mensen te beschermen die beweren Spruyt en andere burgers te zullen beschermen, namelijk de mensen die deel uitmaken van de overheid.

De politie is je beste vriend, als je voor de overheid werkt.

René van Wissen

Gerelateerde links:
- Edmund Burke Stichting
- De aard van de politie

Over de auteur

René van Wissen (1973) is jurist. Hij studeerde civiel recht in Leiden.

Hij is voorzitter van de Frédéric Bastiat Stichting, een onafhankelijke klassiek-liberale/libertarische denktank.

Stichting MeerVrijheid
webmaster@meervrijheid.nl