U kunt mijn organen kopen

Door Paul Frentrop

28 april 2004

Ik heb nooit een formulier ingevuld waarin ik toestemming geef om na mijn overlijden mijn lichaamsdelen te laten gebruiken door andere mensen. Naar ik begrijp hebben de meeste andere Nederlanders dat evenmin gedaan. Aangezien er meer ernstig zieke mensen zijn, die nieren of andere organen zouden kunnen gebruiken, dan donoren, bestaat er een tekort. Van verschillende zijden worden in het kader van de evaluatie van de wet op de orgaandonatie uit 1998 oplossingen aangedragen, variƫrend van een automatisch donorschap, tot een betere voorlichting.

Wat mij verbaast is dat de meest voor de hand liggende oplossing voor dit schaarsteprobleem niet wordt aangedragen. Die is natuurlijk om goed te betalen voor ter beschikking gestelde organen. Ikzelf zou als mijn erfgenamen 5000 euro kregen, onmiddellijk al mijn organen (na mijn dood) ter beschikking stellen. En naar ik vermoed, velen met mij.

Op deze in een handomdraai te regelen oplossing voor een ernstig probleem, wordt echter over het algemeen negatief gereageerd. Eén tegenargument is: waarom zou je er geld voor vragen, je hebt die organen toch niet meer nodig als je dood bent. Mensen die dat zeggen werken over het algemeen niet in het bedrijfsleven. Dat ik iets niet nodig heb, betekent immers niet dat ik het dan maar gratis weggeef. De boer geeft nadat hij zich heeft volgegeten de rest van zijn oogst niet gratis weg. Overtollige tomaten worden doorgedraaid, niet weggeven. De populariteit van rommelmarkten toont ook aan dat wat voor de één waardeloos is, toch wordt verkocht. Kinderen leren op de vrijmarkten van Koninginnedag speelgoed verkopen dat ze niet meer gebruiken. Natuurlijk zou ik zelfs bij leven aan een gezinslid of goede vriend een orgaan afstaan dat ik kan missen, maar voor een vreemde gelden de regels van de markt. Ook als ik dood ben. Als die vreemde het zo graag wil hebben, moet hij ervoor betalen. Anders krijgt hij het niet.

Dan volgt veelal als tweede tegenargument: Als we voor organen betalen, dan kunnen alleen de rijken zich een vers orgaan veroorloven.


Luxe begrafenis
Dat is echter maar de vraag. Rijken kunnen zich per definitie meer veroorloven dan armen. Maar de uiteindelijke prijs voor organen in de markt zal afhangen van vraag en aanbod. Aangezien de vraag (1400 per jaar) het aanbod (200) niet al te zeer overtreft, vermoed ik dat een redelijke prijs tot stand kan komen. Het hiermee gemoeide bedrag zou onderdeel kunnen zijn van de door het ziekenfonds betaalde vergoedingen. Eleganter is misschien in ruil voor het afstaan van een orgaan de begrafenis van de donor te betalen. Dan zou de orgaanhandel een nuttig alternatief zijn voor bestaande begrafenisverzekeringen, die vaak een zeer onduidelijke prijsstelling kennen, waardoor juist de armen daar veel voor betalen. En mocht de prijs toch nog te hoog blijven, dan kan de internationale markt uitkomst brengen. In arme landen zijn veel mensen bereid om tegen betaling, zelfs bij leven, organen af te staan.

Dat laatste maakt vele gesprekspartners boos. Ik begrijp dat niet. Na overlijden van een donor is er al helemaal niets aan de hand. En als een in uiterste armoede verkerende wereldburger besluit bij leven een deel van zijn lichaam te verkopen, dan behoort dat tot zijn individuele rechten. (Natuurlijk mag je niet de lichaamsdelen van iemand anders verkopen. Want dan schaad je de rechten van die ander).


J'accuse...
Kortom, het probleem van het tekort aan orgaandonoren, is een kunstmatig probleem dat nodeloos in stand wordt gehouden. Overigens is dit probleem grotendeels veroorzaakt door de opvolgende ministers van Verkeer & Waterstaat en door mr Pieter van Vollenhoven’s raden voor de verkeersveiligheid. De bromfietshelm, de verplichte autogordel, het steeds veiliger maken van autowegen en de toenemende congestie op die wegen, leiden tot een gestage daling van het aantal verkeerslachtoffers. In België waar het aantal verkeersdoden twee maal zo hoog ligt als in Nederland bestaat dan ook geen tekort aan donoren.

De door de ziekteverzekeraars te betalen bedragen voor organen, zouden daarom kunnen worden verhaald op het budget van Verkeer & Waterstaat. Ze maken immers deel uit van de kosten gemoeid met files en het veiliger maken van het verkeer.

Dit artikel verscheen eerder in FEM Business.

Gerelateerde links:
- Waiting for Transplants
- Baas in Eigen Buik

Over de auteur

Paul Frentrop schrijft regelmatig voor HP/De Tijd en werkte eerder voor onder andere Het Financieele Dagblad en NRC Handelsblad.

Frentrop promoveerde in 2002 met een studie naar 'corporate governance' door de eeuwen heen. Tegenwoordig is hij directeur van Deminor dat de belangen behartigt van minderheids-aandeelhouders.

Stichting MeerVrijheid
webmaster@meervrijheid.nl