Mythische tijden

Door Hans Bennink

24 april 2003

Mythen zijn volgens Van Dale's woordenboek "overgeleverde verhalen van een volk over zijn herkomst en godsdienst". Het woord 'overlevering' hierin doet vermoeden dat mythen iets uit een ver verleden zijn toen je nog met duistere figuren mee moest varen om het dodenrijk te bereiken. Maar niets is minder waar wanneer we de tweede omschrijving er op nalezen. Want mythen zijn ook 'als juist aanvaarde maar niet op feiten berustende voorstellingen'.

Goede voorbeelden daarvan zijn de snel naderende ijstijd uit de jaren zeventig en de 'zure regen' die in jaren tachtig uit de lucht kwam vallen. Nou bleek achteraf regen van nature een beetje zuur te zijn en bleek dit een mislukte poging van de progressieve milieubeweging om onze Westerse levenswijze te doen versoberen. Er moest dus gedacht worden aan een nieuw plan. Een nieuwe mythe moest als juist worden aanvaard.

Ondertussen was er eind jaren zeventig een chemicus premier van het Verenigd Koninkrijk geworden. En zij was een grote voorstander van het gebruik van kernenergie en had daarnaast ook nog eens een broertje dood aan de machtige vakbond in de mijnbouwsector. Daarom zocht ze naar een plan om twee vliegen in een klap te kunnen slaan. Hiervoor gebruikte ze geleerden zonder onderzoeksbudget die met de juiste subsidie haar het overtuigende bewijs leverden dat brandende kolen een nadelig effect op het milieu hadden. Een nadeel wat kernenergie natuurlijk niet had. Op die manier kon ze met een groen hart beginnen aan de bouw van de kerncentrales, en werd Engeland gered van de uitstoot van CO2 waarvoor de kolen verantwoordelijk waren en tevens werden de mijnen een voor een gesloten.


Margaret Thatcher
Ook de milieubeweging had hier lucht van gekregen. Maar waar het progressieve volksdeel normaal niets van Thatcher weten wilde, werd dit keer haar inzicht met gejuich ontvangen. Alleen werd de boodschap een beetje aangepast om te passen in de sobere wereld die men de rest van de mensheid wenst op te dringen. De kerncentrales werden vervangen door duurzame energiebronnen en er moest vooral ook veel minder energie worden verbruikt.

In de politieke arena was het nieuws over de warmer wordende aarde ook niet aan dovemansoren gericht. Na het wegvallen van de mythische heilstaat achter het ijzeren gordijn werden progressieve partijen gerestyled rond dit thema. En de gevestigde partijen gingen druk subsidie uitdelen om ook van hun nationale wetenschappers het bericht te horen dat we vooral rekening moesten gaan houden met natuurrampen in eigen land. Een stijgende zeespiegel zou ons land doen vollopen en meer regenval in het binnenland zou een uitdaging voor onze rivierdijken worden.

Op internationaal niveau was er inmiddels zelfs een VN-bureau (het IPCC) opgericht om alle resultaten uit diverse landen te verzamelen en samen te voegen tot een groot boekwerk: het IPCC Assessment Report (I, II & III). En begin van deze eeuw ontstond van daaruit het Kyoto akkoord waarin besloten werd dat we over de hele wereld krap 1 biljoen euro (!) zouden gaan uitgeven in de strijd tegen een warmer wordend klimaat. En met een Nederlandse voorzitter (Jan Pronk) en de Nederlandse reputatie als Gidsland werden we gedwongen verregaande en dure maatregelen te nemen voor een beter klimaat.


Jan Pronk
In de praktijk betekent dat domweg lastenverzwaring. Zo verdubbelde de prijs van normale (grijze) stroom zodat met dat geld dure groenestroom in prijs kon worden verlaagd tot het grijze niveau. Nu maakte het dus niet meer uit welke kleur je stroom was; je kon nu kiezen uit twee te dure varianten. De rest van de subsidiepot trok vele nieuwe energiebedrijfjes aan die met dat geld dure tv-campagnes organiseerden en consumenten met digitale camera's probeerden over te halen om toch maar vooral hun groene stroom af te nemen. Hiervoor kochten zij dan certificaten in waaruit moest blijken dat de stroom ook echt groen was. Vooral populair was de buitenlandse stroom die op basis van kernenergie werd geproduceerd. Maar ook het verbranden van biomassa (pitten, houtsnippers en ander groen afval) konden rekenen op stevige aftrek. Ook verschenen er op steeds meer plaatsen in Nederland horizonvervuilende windmolens die jaarlijks garant staan voor ongeveer duizend kapotgeslagen vogels. Per molen welteverstaan.

De hele hype is overigens gebaseerd op tamelijk dubieus onderzoek. We keken naar een klein temperatuurverschil over de afgelopen 25 jaar, maar vergaten dat de meetmethoden in die 25 jaar niet alleen grootschaliger, maar ook aanzienlijk verfijnder werden. Door nu met statistieken wat te rommelen kwam daaruit een marginaal verschil naar voren en werd een stijgende lijn getekend. Door nu voor het gemak aan te nemen dat het in de eeuwen daarvoor een stuk frisser was op deze wereld (de grootouders herinneren zich immers jaarlijks ijskoude winters) kon deze lijn ook naar links naar beneden worden doorgetrokken. En door ter rechterzijde de lijn ook nog eens 100 jaar door te trekken ontstond er zomaar een voorspelling: de aarde wordt warmer! De media namen het bericht over en de politici bevestigde het nog eens zodat nu werkelijk iedereen hierin gelooft. Dat we het weer van volgende week donderdag nog niet eens bij benadering kunnen voorspellen doet daar niets aan af.

Vervelend genoeg heeft de aarde in allerlei opzichten nogal de neiging om te fluctueren en de temperatuur is daarop bepaald geen uitzondering. Nog vervelender wordt het nu de Harvard University een studie heeft verricht naar 240 verschillende onderzoeken waaruit het historisch klimaatverloop duidelijk wordt. Daarbij moet worden gedacht aan onderzoek naar jaarringen van bomen, boringen in de ijskap en uit vele andere onderzoeken die een goed beeld hiervan konden geven. De conclusie staat echter loodrecht op de geldende staatsdoctrine. Want zo blijkt dat het in de Middeleeuwen aanzienlijk warmer op aarde was dan nu. En onderzoek naar jaarringen toont aan dat er in de afgelopen 50 jaar geen noemenswaardige temperatuurstijging valt aan te wijzen.

Maar zelfs de kritische lezer van het jongste IPCC rapport zou het toch moeten zijn opgevallen dat in de conclusie toch vooral het woord 'onzeker' wel erg vaak wordt gebruikt. En daarbij gaat het over al te stellige beweringen over een warmer wordende aarde.

En zo verschuift de broeikasdreiging toch duidelijk van realiteit tot mythe en kan in de geschiedenisboekjes worden bijgeschreven als dure misser. Alleen zal deze geschiedschrijving nog wel even op zich laten wachten, domweg omdat de overheid anders gezichtsverlies zou lijden en het volk uit zou moeten leggen dat ze een beetje dom geweest was. Dus gaat ook de komende regering gewoon door met wat de machtige milieulobby haar oplegt. En dat betekent voor Nederland dat miljarden euro's belastinggeld jaarlijks in rook op gaan en dat vele duizenden mensen werkloos blijven door het mythische beleid van de overheid. Raar toch dat niemand daar iets van zegt.

Hans Bennink

Gerelateerde links:
- Stichting Heidelberg Appeal: De broeikasdreiging: realiteit of mythe? (in PDF)
- Telegraph: The Middle Ages were warmer than today, say scientists
- Groene gifstroom

Over de auteur

Hans Bennink (1969) is van beroep internetprovider en is daar sinds 1996 professioneel mee bezig na een studie International Business aan de HEAO.

Uit zijn pennevruchten -die vaak op de actualiteit inspelen- komt zijn streven naar een vrijere maatschappij tot uiting. Het is daarbij zijn overtuiging dat uit het kunnen maken van keuzes de verrijking en verdieping van de mens tot haar volste wasdom kunnen komen.

Stichting MeerVrijheid
webmaster@meervrijheid.nl