Indirecte onvrijheid

Door Redactie

14 april 2003

Men zegt dat wanneer je een kikker in heet water gooit deze er meteen weer uitspringt. Wanneer je het dier echter in warm water gooit en het water tot kookhoogte opwarmt zal de kikker blijven zitten tot hij gaar is. Of het waar is weet ik niet en weiger ik te testen maar zo lijkt het vaak ook te gaan met onze vrijheid. Die verdwijnt vaak stukje bij beetje zonder dat we het merken. Terwijl we denken dat het behaaglijker wordt worden we geleidelijk aan zo versuft dat het wel eens moeilijk zou kunnen worden om er op tijd uit te springen. Zo slurpten belastingen de afgelopen eeuw sluipenderwijs meer dan de helft van ons inkomen op en talrijke kleine wetjes hebben langzamerhand een verstikkende uitwerking op onze vrijheid van werken, spreken, handelen en bewegen.

Vorige week stond er een artikel over een nieuwe betuttelende overheidsmaatregel in de krant. Het betrof een mogelijke wet die dierenwinkels zou verplichten een half jaar garantie te geven op verkochte dieren. Voor velen zal dat op het eerste gezicht een goede maatregel geleken hebben die de wereld weer een heel klein stapje vooruit zou helpen. Consumentvriendelijk Den Haag, nooit verlegen om wat overheidsinmenging, had zoiets bedacht en hoopte zo achteloze dierenkopers (volgens Den Haag iedereen zo'n beetje) te beschermen tegen slechte dierenwinkeliers (allen zo ongeveer).

Aangezien de meeste lezers van het artikel consument waren en geen dierwinkelier dacht menigeen dat het hier om een maatregel ging die voor een groot deel van Nederland voordelig zou uitpakken. Afgezien van de schandelijke morele kwestie (welk recht heeft de overheid om zoiets op te leggen en zich tussen de overeenkomst van de klant met de winkelier te wringen?) zitten er voor de achteloze burger onverhoede nadelen aan. Nadelen die ook zijn vrijheid beperken en zijn portemonnee bedreigen.

Een burger die van zichzelf weet dat hij van zijn levensdagen geen dierenwinkelier zal worden denkt hierbij dus al gauw alleen voordeel bij te gaan hebben. Da's mooi gratis garantie, zie je hem denken. Ja ja!! In de V.S. kent men hiervoor het acroniem TANSTAAFL wat staat voor: "There Ain't No Such Thing As A Free Lunch." Gratis bestaat vrijwel niet en zo is het ook met het aanschaffen van dieren en het verkrijgen van garanties. Dieren vallen niet uit de ruimte (behalve soms dode dieren) en zijn dus niet gratis. En diergaranties ook niet. Het feit dat garanties een verplichting inhouden voor iemand geeft aan dat de winst van de een het verlies van de ander is.

Die verplichting tot het geven van garantie kan de winkelier op twee manieren oplossen. De verplichting geeft extra kosten aangezien hij betere dieren moet verkopen die minder risico in zich dragen dat ze ziek, zwak of misselijk worden (de bevolkingsgroepen die onze regering sowieso altijd wil beschermen en tot het maken van nageslacht stimuleert). Hij kan ook kwalitatief dezelfde dieren verkopen maar moet dan extra kosten in rekening brengen voor wanneer een koper terugkomt en claimt dat de hamster, het konijn of de papagaai buiten zijn schuld ziek is geworden. (Zou de wet trouwens ook niet onverantwoordelijk en dieronvriendelijk gedrag bij consumenten losmaken?)

Wetgevers lijken vaak ten onterechte te verwachten dat de bijkomende kosten van hun wetten door de mensen of organisaties aan wie ze worden opgelegd worden zullen gedragen. Een buitengewoon naïeve gedachte. Alsof ook het werkgeversdeel van de sociale lasten de eigenaar van bv een winkel ervan weerhouden op vakantie te gaan. Dat is natuurlijk niet het eerste waar de winkelier aan denkt. Die denkt meteen aan iets heel anders: het verhogen van zijn prijzen (evenals zijn collega middenstanders). Analoog hieraan zullen ook de lasten voor de dierenwinkelier worden doorgegeven aan de koper.

Maar zelfs als de werkgever inderdaad zijn vakantie moet opgegeven om zo aan een scala verzwarende overheidswetten en -regels te voldoen wordt de burger, die dacht alleen voordeel te behalen, er niet beter van. Menig winkelier zal dan maar besluiten in loondienst te gaan (of een uitkering te nemen) en zal zo voor de consument het aanbod schraler maken. Klanten moeten dan verder weg hun spullen aanschaffen.

In plaats van het beschermen van consumenten zorgt de nieuwe wetgeving voor hogere prijzen, onverantwoordelijker gedrag bij consumenten en minder contractvrijheid tussen koper en verkoper. Misschien wil een klant wel liever een goedkopere cavia en neemt het risico op ziekte of iets dergelijks zelf wel. De wettelijke verplichting geldt dus niet alleen voor de winkelier maar ook voor de consument en beperkt hem dus indirect in zijn vrijheid. Domme, onverantwoordelijke en dieronvriendelijke mensen hebben er voornamelijk voordeel bij. Die groep zal dan ook extra gestimuleerd worden zich uit te breiden. En dat is zo langzamerhand te merken. Weinig kiezers hoor je ooit spreken over eigen verantwoordelijkheid. En dat vertaalt zich in een paternalistische overheid die met dit soort maatregelen komt.

Gerelateerde link:
- Monty Python: Parrot Sketch

Stichting MeerVrijheid
webmaster@meervrijheid.nl