Ahold: meer (overheids)regels gevraagd?

Door Auke Leen

31 maart 2003

In zijn "memoires van een optimist" beschrijft Albert Heijn de opkomst van artikelen met een ingebouwd dienstmeisje. Denk aan voorgekookte rijst en oploskoffie. Zou het niet kunnen zijn dat ook in de markt een kracht werkzaam is die frauduleuze praktijken helpt oplossen?

Want ze zijn er altijd al geweest. Zij die om meer overheidsregulering van het bedrijfsleven vragen. Nodig is herregulering van financiële markten, hervorming van het onbetrouwbare systeem van boekhoudcontrole en meer in het algemeen de stimulering, mede door participatie van werknemers, van maatschappelijk verantwoord ondernemen.

Maar misschien ligt de waarheid wel andersom. Het is omdat de markt al zo gereguleerd is dat de problemen zo ernstig konden worden. De financiële wereld heeft zelf al een verbeteringproces in werking gezet: het ingebouwde dienstmeisje waar Heijn het over had. Kortom we kijken naar een waarheid van het Amerika van Ronald Reagan: The government is not the solution but the problem. Ofwel, en meer pro-actief en van deze tijd: Don't just stand there, deregulate something. Misschien komt uit Amerika niet alleen het probleem maar ook de oplossing.

Want wat is het probleem? Dat is niet dat goede en slechte tijden elkaar afwisselen. Voorkeuren van de consumenten veranderen. We kopen minder bij Albert Heijn en meer bij Lidl of de Aldi. En dat AH dat in haar portemonnee voelt is niet slecht. Het houdt haar juist alert. Het probleem is ook niet het boekhouden. Maar spreken we niet over boekhoudschandalen? Een bedrijf gaat niet failliet door verkeerd boekhouden maar door een teveel aan schulden ten opzichte van het inkomen. Ahold ging niet naar beneden omdat ze boekhoudregels schond. Nee, ze schond boekhoudregels om financiële zwakheden op te vangen. Betere boekhoudregels stellen een mistand slechts versnelt aan de kaak. Het probleem is ook niet dat op winst en op het eigenbelang gerichte (het verkrijgen van extreem hoge bonussen) en frauduleuze managers naar de top kunnen komen. Als we het werkelijke met het werkelijke vergelijken, moeten we erkennen dat je die bij de overheid ook hebt (en ze daar even moeilijk, zo niet moeilijker te verwijderen zijn). Nee, waar het om gaat, is dat fraude zo snel mogelijk boven tafel komt. We hebben te maken met een systematische poging om boekhoudprincipes zodanig te gebruiken dat beleggers worden misleid. En de vraag is of de eerste reactie: populistische overheidsregulering uit de publieke middelen betaald, ja zelfs het overboord zetten van het "aandeelhouderskapitalisme" wel de juiste is.

Met boekhouden alleen redden we het niet. Want hoewel we sinds Pacioli, rond 1500, al over het moderne dubbele boekhouden spreken, staat behalve dat we iets twee keer en wel debet en credit moeten boeken, in feite niet veel vast. Boekhouden is een subjectieve bezigheid. Het is beslist niet die exacte wetenschap waarvan redding te verwachten valt. Hoe bijvoorbeeld een bezitting af te schrijven? Een algemene regel dit in 10 jaar te doen, is immers noch voor het staalbedrijf van Corus (beter 20 jaar) noch voor de laptops in voorraad bij Compaq (beter 1 jaar) geschikt. En hoe de bezitting Goodwill te waarderen bij een faillissement? Boekhouden bestaat uit regels waarvan de complexiteit wordt bepaald door allerlei nationale en internationale overheidsregels wat betreft belastingwetgeving, het milieu, pensioen en kapitaalmarkten. Om daar regels aan toe te voegen, lijkt meer van hetzelfde te zijn. De al oude aanpak om als iets niet werkt er gewoon nog meer geld tegenaan te gooien. Kijken of het dan wel werkt.

In het boekhouden geldt in feite nog steeds die ene regel, bekend sinds het einde van de 19e eeuw: Earnings are an opinion, cash flow is a fact. Het goed-eindejaarsprincipe, waar Heijn in zijn memoires het over heeft, was zo gek dus nog niet. Telkens als er aan het eind van het jaar geld over was, werd er weer een stuk bijgebouwd. Dat maakte het voor de jonge Heijn ook zo avontuurlijk om in dat "doolhof" in Zaandam rond te dwalen. Een analyse van de kasstroom zou het probleem bij Ahold allang boven water hebben gebracht. Dat een 'gat' van $500 mln niet eerder is ontdekt, duidt er dan ook op dat het hier niet het werk van een eenling betreft. In de VS hebben driekwart van de bedrijven werkzaam in de halfgeleiderindustrie, van Intel tot Motorola, al een inhoudsvollere en relevantere pro forma boekhouding. Dit naast en uit onvrede met, en tot volle tevredenheid van de beleggers, de officiële (in het post-Enron tijdperk) aangescherpte regels. Investeerders en kredietbureaus kijken naar de kasstroom in de toekomst en minder naar boekhoudrapporten uit het verleden waar regelgevers naar kijken. Dat de koers van Ahold in voorafgaande jaren al zo was gedaald (meer dan de AEX index dat deed) bewijst dat investeerders al meer afgingen op de kastroom dan op de nog immer mooie boekhoudrapporten.

Het voorgestelde beleid wil overheidsregulering. Maar wat zou er gebeuren bij het tegenovergestelde. Velen van ons hechten waarde aan informatie over de bedrijven waarin we investeren. We zijn bereid daarvoor te betalen. Daarom behandelen bedrijven beleggers ook goed om een relatie inzake kwaliteit te verkrijgen. Daarnaast zijn er ook private instellingen die informatie over bedrijven verstrekken. Maar proberen de bedrijven dan niet om slechts in schijn aan de eisen te voldoen? Misschien. Maar private controle instellingen hebben, in tegenstelling tot een overheidsinstelling, hun vermogen (reputatie) op het spel staan. Wie wil er immers de volgende Arthur Anderson worden? Er komt weer ruimte in de markt voor het soort accountants waar Reagan al om vroeg. Hij omschreef economen als mensen die goed met getallen zijn maar niet genoeg persoonlijkheid bezitten om accountant te worden.

De oplossing van dit complexe probleem zal bij de markt en de boekhoudkundige professie liggen. Dat zal tijd kosten, het is niet anders. Maar dat heeft een voordeel. De markt is een ontdekkingsproces met oplossingen die steeds weer anders en beter zijn dan we nu in onze stoutste dromen kunnen bedenken. Waarvan de memoires van Heijn wat betreft het supermarktwezen ook een mooi voorbeeld van geven. Een proces waarin meer overheidsregulering slechts verstarrend zal werken.

Over de auteur

Auke Leen is econoom en doceert aan de Universiteit Leiden. Hij studeerde algemene economie en wijsbegeerte aan de Erasmus Universiteit te Rotterdam.

Op zijn homepage vindt u een deel van zijn publicaties.

Stichting MeerVrijheid
webmaster@meervrijheid.nl