“Om sociaal te zijn met je eigen geld heb je geen politiek nodig. Om "sociaal" te zijn met andermans geld wel.”
Onbekend

Issues - Media

Door Redactie

2 februari 2003

Vrijheid van meningsuiting is niet groot als je niet een radiostation mag opzetten of TV programma's mag uitzenden. Pim Fortuyn kreeg om de week tien minuten spreektijd in het programma van Harry Mens.

Deze stoutmoedige ondernemer staat buiten de gevestigde media, legde geld op tafel voor een uur televisie per week bij een commerciële (dus niet publieke) omroep en bood Fortuyn de kans zijn ideeën aan Nederland kenbaar te maken. Wat denkt u: zou Fortuyn als politicus zoveel aanhang hebben weten te verwerven als hij deze spreekbuis niet had gehad? Het is duidelijk dat Fortuyn zijn opkomst niet te danken heeft aan de publieke omroepen, wellicht eerder zijn ondergang.

De staatsomroepen hebben de neiging spreekbuizen van de gevestigde orde te zijn. Zij weten aan welke kant hun brood beboterd is en zullen niet snel overheidskritische programma's voorschotelen. Zij handelen gewoon in hun eigenbelang. Dat is niet verwonderlijk en ook niets om je boos over te maken. Maar wél een reden om er iets aan te doen. De staatsomroepen ontvangen meer dan 500 miljoen euro per jaar van belastingbetalende burgers. Ook de tegenstanders van de regering of van de overheid worden zo gedwongen te betalen aan meningen die ze niet delen en ook niet willen horen.

Meervrijheid is geen voorstander van cosmetische maatregelen wat de publieke omroepen aangaat. Meer toezicht, 5% minder budget of een andere indeling? Ach, het is wat gerommel in de marge en maakt geen einde aan de innige verwevenheid tussen staatsomroepen en overheid. Wij zijn daarom voor privatisering van alle staatsomroepen, laat ze hun eigen broek maar ophouden zoals zovele gewone bedrijven en ondernemers. Ze moeten onafhankelijk van de staat worden en de bestaande omroepen moeten eigendomsrechten krijgen op de frequenties waar ze nu op uitzenden. Voorzover verschillende omroepen een frequentie delen, blijft die tijdsverdeling gehandhaafd. Die eigendomsrechten in "time-shares" kunnen ze dan eventueel onderling verhandelen, of aan derden verkopen of verhuren, zoals ze willen.

Meervrijheid staat zeer sceptisch tegenover het bestaan van gemeentelijke programmaraden die beslissingen over de kabel nemen op basis van persoonlijke of politieke voorkeuren.
Verder vindt Meervrijheid dat zoveel mogelijk nieuwe frequenties beschikbaar moeten worden gesteld voor TV-, radio- of andere uitzendingen. Hoe meer frequenties er zijn, hoe meer organisaties de kans krijgen om hun mening te uiten. (Momenteel is Nozema, het bedrijf dat het Nederlandse zenderpark beheert, tegen technische aanpassingen die het aantal te gebruiken frequenties vergroot. Gezien het behoorlijke aandeel van de publieke omroepen in Nozema is dat niet opzienbarend.) De frequenties dienen via een veiling verkocht te worden. Verder moeten, in tegenstelling tot eerdere veilingen van telecomfrequenties, eigendomsrechten in de frequenties permanent zijn. Dat is logisch, want het eigendom in alle andere schaarse middelen, zoals huizen, grond, etc. is ook permanent. Pas bij een absoluut eigendom op communicatiemiddelen is er volledige vrijheid van meningsuiting. Als je je communicatiemiddel huurt van de overheid, blijf je afhankelijk van die overheid en blijft het risico dat wat je zegt mede van invloed is op of je huurcontract verlengd gaat worden.

Frequenties dienen vrij verhandelbaar te zijn. Op die manier hebben alle groeperingen dezelfde mogelijkheid om TV- en radiouitzendingen te doen, zonder dat de overheid daar enige invloed op heeft. Elke groepering, politiek correct of niet, met voldoende aanhangers, heeft dezelfde kans om het kapitaal bijeen te brengen om een frequentie op te kopen of zendtijd te huren. Niet iedereen kan gratis zendtijd krijgen. Dat is nou eenmaal nooit mogelijk bij een schaars goed. Maar een vrije markt in frequenties is, net als bij alle andere schaarse middelen, het meest efficiënte systeem van verdeling. Een die gebaseerd is op daadwerkelijke marktbehoefte in plaats van op politieke macht.

Verder vindt Meervrijheid dat kabelmaatschappijen zoveel mogelijk moeten worden vrijgelaten om zoveel mogelijk zenders aan te bieden op basis van de behoeften van het publiek. Meervrijheid staat zeer sceptisch tegenover het bestaan van gemeentelijke programmaraden die beslissingen over de kabel nemen op basis van persoonlijke voorkeuren. Voor zover er een technische beperking is van het aantal mogelijke zenders op de kabel, geven wij de voorkeur aan publieksenquêtes of een of ander financieel biedsysteem onder aanbieders. Elke politieke invloed op het zenderaanbod moet zoveel mogelijk vermeden worden. Meervrijheid streeft naar afstemming van het aanbod op behoeften in de markt, waarbij maximale diversiteit en individuele keuzevrijheid voorop staan.

Meervrijheid ondersteunt het particuliere bezit van kranten en tijdschriften. Wel vindt Meervrijheid dat elke vorm van subsidiëring van organisaties die het geld mede gebruiken voor het verspreiden van allerlei (goede of slechte) informatie, propaganda of meningen gestopt moet worden. Verder staat Meervrijheid afwijzend jegens maatschappelijke bemoeienis via de media. Met name Postbus-51 spotjes zijn een bron van ergeniswekkende bemoeizucht over strijkende mannen, exact kiezende meisjes et cetera, die de eigenheid van mensen niet respecteert. Veel van die spotjes en reclameuitingen zijn kwalijke uitingen van Big Brother-mentaliteit. Het vormen van meningen en het verspreiden van informatie over politiek en maatschappij is iets dat aan vrije individuen dient worden overgelaten en niet aan de overheid.

Meervrijheid is een groot voorstander van de vrijheid van meningsuiting. Wij zijn voor het opheffen van nog bestaande beperkingen op het gebied van meningsuiting. We zijn dan ook verheugd over de nieuwe mogelijkheden van internet, zonder welke Meervrijheid niet zo succesvol zou zijn geweest. Internet is een ideaal medium voor de bevrijding van het individu. Iedereen kan op internet bijna kosteloos zijn mening publiceren en mensen uit onvrije landen kunnen kennis nemen van belangrijke ideeën en meningen uit vrijere landen. Succes van een mening op internet wordt daarom in toenemende mate bepaald door de kwaliteit ervan en in mindere mate door geld of macht. Het geeft macht aan de armen en verdrukten in de wereld.

Gerelateerde links:
- Maffia-omroep verliest monopolie
- Commercialisering van de televisie
- Publieke zelfpromotie
- Ons omroepgeld over de balk
- DogmaTV: tijd voor een nieuw programma?
- Programmaraden politiek ter discussie

Stichting MeerVrijheid
webmaster@meervrijheid.nl