Banen creëren is niet moeilijk, wel gevaarlijk

Door Ewoud Jansen

5 september 2012

Nog een paar dagen en het is verkiezingsdag. Eindelijk! Dan kunnen we het feest van de democratie weer eens heerlijk vieren. Mijn rode potlood is al vlijmscherp geslepen.

Eigenlijk zou dat feest maar eens in de vier jaar gegeven worden maar dankzij onze ruziënde politici is er veel vaker wat te vieren. Die eindeloze reeks debatten ben ik wel behoorlijk zat. Dat moet de volgende keer echt anders. Je moet wel een ontzettende plank voor je kop hebben als je nu nóg niet weet dat Pechtold voor Europa is en dat als je nergens een mening over hebt je gewoon ouderwets CDA moet stemmen.

Het is genoegzaam bekend dat de VVD voor lastenvermindering is maar dat als de liberalen aan de macht zijn er toch niets van terecht komt. Genoeg dus. Want u en ik weten nu wel waar ze het over oneens zijn. En als je dat nog steeds niet door hebt dan zou het stemrecht je onmiddellijk ontnomen moeten worden. Naast de vele verschillen is er ook overeenstemming. Meer banen, dat vinden ze allemaal belangrijk. Allemaal willen ze door het CPB tot banenkampioen worden gekroond. Banen creëren. Dat is van links tot rechts het hoogste doel.

Maar zo moeilijk is banen scheppen natuurlijk niet. Er zijn wat dat betreft wijze lessen te leren van een land als Noord Korea. Daar is de overheid al jaren op Keynesiaanse wijze bezig met het stimuleren van de economie. Omdat het daar lang geleden met de werkgelegenheid niet zo goed liep heeft de overheid er haar verantwoordelijkheid genomen. En sindsdien is alles in kannen en kruiken.

Met name in het militaire apparaat zijn er indrukwekkende prestaties geleverd. Ongeveer twintig procent van de mannelijke beroepsbevolking zit full of parttime onder de wapenen. De dienstplicht kan er wel tien jaar duren hoorde ik van de zomer toen ik bij de 38e breedtegraad het gesloten land met een verrekijker bespiedde. Dankzij de veelgeprezen multiplier is de rest van de bevolking druk bezig met het naaien van uniformen, vullen van kogels en de productie van prikkeldraad. En wie daar geen zin in heeft vindt zonder al teveel moeite emplooi in speciaal daartoe in het leven geroepen instellingen.

De ene helft van de werknemers krijgt daar een schep om kuilen te graven en de andere helft mag die weer dichtgooien. Die schep is een klein verbeterpuntje. Ik zou ze zelf helemaal geen schep geven en met blote handen laten graven. Die moderne technologieën kosten alleen maar werkgelegenheid dus weg ermee. Zonder schep kunnen er nog veel meer mensen lekker bezig zijn met kuilen graven…

Het is hopelijk duidelijk. Niet al het werk is even zinvol. Banen scheppen is niet het probleem. Maar banen die nuttig zijn, dat is wat anders. Nuttige banen dragen bij aan de welvaart en levensstandaard van ons allemaal. Sommige zaken als onderwijs en rechtspraak vindt iedereen belangrijk. Daarom loopt dat soort dingen doorgaans via de overheid. Maar verder verschillen de persoonlijke voorkeuren nogal over wat het is dat voor jou de levensstandaard verhoogt. Aan een nieuwe versie van de Ipad heb ik zelf niet zo’n behoefte maar voor miljoenen mensen schijnt dat heel anders te liggen.

De overheid is dus niet een erg geschikt orgaan om voor ons te beslissen wat voor banen er moeten komen. Voor je het weet heeft de overheid de verkeerde banen gecreëerd en zie er dan nog maar eens vanaf te komen. Nieuwe banen scheppen kunnen we dus beter over laten aan de markt. De overheid heeft wel invloed op hoe goed de markt haar werk kan doen. Bijvoorbeeld door te sleutelen aan belastingtarieven. Hoe klein of groot de overheid ook is, er moeten belastingen worden geheven.

Maar de ene vorm van belasting heffen is schadelijker voor het economische verkeer dan de andere. De meest schadelijke belasting is die op ondernemerswinst. Hoe hoger die is, des te lager de kans op nieuwe investeringen, producten en banen. Verlaag dus de belasting op ondernemingswinst en er ontstaat nieuwe werkgelegenheid. Hoe die er precies uitziet beslis niet ik of de overheid en dat is maar goed ook. Dat bepalen we uiteindelijk allemaal samen door ons consumptiegedrag. Net zoals we samen bepalen wie straks de grootste partij wordt. Helaas bepalen we niet samen hoe de daaropvolgende regeringscoalitie eruit gaat zien. Dat bepalen de gastheren – en vrouwen van het feest der democratie vooralsnog zelf.

Best leuk dus, zo’n feest. Maar echt vrolijk word ik er bij nader inzien niet van. De kans op een vette kater ligt helaas weer op de loer.

 

Over de auteur

Drs. Ewoud Jansen is econoom & publicist. Hij werkt als hogeschooldocent Finance & Accounting, Fontys Hogescholen
International Business & Management Studies

Stichting MeerVrijheid
webmaster@meervrijheid.nl