Open brief aan mijn linkse vrienden

Door Steven Horwitz

13 oktober 2008

Misschien hebben jullie wel ongelijk over de kredietcrisis.

Vrienden,

In de laatste twee weken heb ik jullie vaak horen zeggen dat de huidige financiële puinhoop werd veroorzaakt door het falen van de vrije markt en van de deregulering. Ik heb jullie horen zeggen dat de drang naar winst, de kern van vrije markten, de kern vormt van onze problemen. En ik hoorde jullie zeggen dat alleen een belangrijke tussenkomst van de overheid in de financiële markten deze problemen kan oplossen, misschien zelfs voor eens en voor altijd. Ik vraag jullie - om het met de woorden van Oliver Cromwell te zeggen - om in de komende minuten te overwegen dat jullie fout zijn. Overweeg dat zowel jullie diagnose als jullie oplossing fout zouden kunnen zijn.

Het overheidsbeleid kan het eigenbelang van bedrijven in de richting sturen van activiteiten die alleen nuttig zijn voor de bedrijfswinsten, maar niet voor het algemeen belang.
Overweeg even dat de problemen en deze rotzooi veroorzaakt werden door diezelfde vormen van overheidsregulering die jullie nu voorstellen. Overweeg dat in plaats daarvan dat de gevolgen van het winstmotief die jullie afkeuren, afhangen van de stimulansen die door instellingen, regelgeving en beleid worden gecreëerd, die in dit geval ertoe leidden dat winstzoekers wel grote schade aanrichten. Overweeg in plaats daarvan dat de regelgeving die de oorzaak kan zijn, zoals vaak in de Amerikaanse geschiedenis werd gesteund door dezelfde bedrijven die gereguleerd werden, omdat zij profiteerden van die regelgeving, ook al was die regelgeving nadelig voor ons. Denk daaraan als je om meer van hetzelfde vraagt, met de bedoeling om het probleem op te lossen. Overweeg tot slot waarom je ooit zou denken dat de rijken en machtigen een nieuw regelgevend proces niet in hun voordeel zouden ombuigen.

Een van de grootste waandenkbeelden in de huidige crisis is de bewering dat dit het gevolg is van hebzucht. Het probleem met deze verklaring is dat hebzucht altijd een kenmerk is van de menselijke interactie. Dat is altijd zo geweest. Waarom zou hebzucht nu plots zoveel schade hebben veroorzaakt? En waarom alleen in één sector van de economie? Is er elders ook niet heel veel hebzucht? Bedrijven streven inderdaad winst na. En zij zullen winst zoeken op die plaatsen waar de institutionele prikkels dusdanig zijn dat er winst beschikbaar is. In een vrije markt maken bedrijven winst door de goederen te leveren die beantwoorden aan de wensen van de consumenten, tegen prijzen die de consumenten bereid zijn ervoor te betalen. (Vrienden, stop nu niet met lezen als jullie het hier niet mee eens zijn - nu weet je hoe ik mij voel wanneer jullie beweren dat deze crisis een falen van de vrije markt is - lees tenminste door tot op het einde van deze alinea.) 

Regelgeving, beleid, zelfs de retoriek van machtige politici kunnen de stimulansen voor winst veranderen. Regulering kan het moeilijker maken voor bedrijven om hun risico te minimaliseren, door te eisen dat zij leningen verstrekken aan marginale kredietnemers. Overheidsinstellingen kunnen banken aanmoedigen om extra risico's te nemen, door het geven van een impliciete staatsgarantie. Het beleid kan het eigenbelang in de richting sturen van activiteiten die alleen nuttig zijn voor de bedrijfswinsten, maar niet voor het algemeen belang.

Geen enkele vrijemarkteconoom denkt dat hebzucht altijd goed is. Wat wij goed vinden zijn instellingen die inspelen op het eigenbelang van private actoren, door hen te belonen voor de dienstverlening aan het publiek, en niet alleen aan henzelf.
Velen onder jullie hebben terechte kritiek op de ethanolwetgeving, die het voor maïstelers rendabel maakt om over te schakelen van maïsproductie voor voedsel naar maïsproductie voor brandstof. Dat heeft wereldwijd tot hogere voedselprijzen geleid. Het is interessant dat jullie terecht de schuld leggen bij het beleid, en niet bij hebzucht en winstbejag! Bij de huidige financiële crisis is het volkomen analoog.

Geen enkele vrijemarkteconoom denkt dat hebzucht altijd goed is. Wat wij goed vinden zijn instellingen die inspelen op het eigenbelang van private actoren, door hen te belonen voor de dienstverlening aan het publiek, en niet alleen aan henzelf. Wij geloven dat dat is wat echte vrije markten doen. Markttransacties zijn voor beide partijen voordelig. Als de wet dat overhoop haalt door slecht gedefinieerde spelregels of door die spelregels via regelgeving om zeep te helpen, dan leidt het streven naar eigenbelang niet langer naar wederzijds voordeel. De privé-sector maakt dan winst door enge politieke doeleinden te dienen in plaats van het algemeen belang. In dat geval heeft hebzucht slechte gevolgen. Dat is slecht, niet omdat het om hebzucht of eigenbelang gaat, maar omdat de institutionele context het streven naar eigenbelang een maatschappelijk niet-productieve weg opstuurt. 



Dit, vrienden, is precies wat ons gebracht heeft tot de crisis waar wij ons nu in bevinden.

Als jullie de vastgoedcrisis en de kredietcrisis een falen van de vrije markt noemen, of het resultaat van ongeremde hebzucht, dan gaan jullie voorbij aan de vele overheidsregels, beleidslijnen, en politieke uitspraken die zowel de "vrijheid" van deze markt verminderd hebben als het streven naar eigenbelang een weg opstuurde die tot rampzalige gevolgen - zowel bedoelde als onbedoelde - heeft geleid. Laat me even overlopen welke prominente rol de overheid heeft gespeeld in dit drama.

Om te beginnen zijn Fannie Mae en Freddie Mac "door de overheid gesponsorde bedrijven". Hoewel ze technisch gezien privé-eigendom zijn, hebben ze bijzondere privileges die verleend zijn door de overheid.
Om te beginnen zijn Fannie Mae en Freddie Mac "door de overheid gesponsorde bedrijven". Hoewel ze technisch gezien privé-eigendom zijn, hebben ze bijzondere privileges die verleend zijn door de overheid, worden ze gecontroleerd door het Congres, en, belangrijker nog, werkten ze met de duidelijke belofte dat als ze zouden falen, ze zouden worden uitgekocht. Dat is nauwelijks een "vrije markt". Alle spelers in de markt voor hypothecair krediet wisten dat van bij het begin. In de vroege jaren 1990 vergemakkelijkte het Congres de kredietvoorwaarden van Fannie en Freddie (op één vierde van het eigen vermogen dat vereist wordt van commerciële banken), zodat ze meer leningen konden verstrekken aan arme gebieden. Het Congres creëerde ook een regelgevend agentschap voor hen, maar dit bureau moest jaarlijks bij het Congres een nieuwe aanvraag indienen voor zijn budget (iets wat geen enkele andere financiële regelgever moet doen). Dat zorgde ervoor dat het aan het Congres precies zou vertellen wat ze wilden horen: "alles gaat goed". 

In 1995 kregen Fannie en Freddie toestemming voor de subprime-markt. Terzelfder tijd maakten de regelgevers het moeilijker voor banken die niet genoeg leningen verstrekten aan achtergebleven gebieden. Verschillende pogingen werden ondernomen om de Fannie en Freddie in te tomen, maar die haalden in het Congres onvoldoende stemmen, vooral omdat beide organisaties belangrijke campagnebijdragen betaalden aan leden van beide partijen. Zelfs de New York Times zag al in 1999 precies wat er kon gebeuren dankzij deze zeer onvrije markt, en waarschuwde dat Fannie en Freddie zouden moeten worden uitgekocht als de woningmarkt zou dalen.

Wat de zaken nog ingewikkelder maakte, was de verlenging/herziening in 1994 van de Community Reinvestment Act uit 1977. De CRA vereist dat banken een bepaald percentage van hun leningen verstrekken aan hun plaatselijke gemeenschappen, met name wanneer deze gemeenschappen het economisch moeilijk hebben. Bovendien heeft het Congres uitdrukkelijk bevolen aan Fannie en Freddie om hun leningen uit te breiden naar leners met marginale kredietwaardigheid, om het bezit van eigen woningen uit te breiden. Dit alles samen creëerde een enorme winst en politieke stimulansen voor banken en voor Fannie en Freddie om te lenen aan meer risicovolle kredietnemers met lage inkomens. Hoe goedbedoeld deze pogingen ook waren om meer Amerikanen een eigen huis te laten bezitten, het dwingen van banken om dat te doen en het kunstmatig verlagen van de kosten daarvan, vormt een groot deel van het probleem waarin we ons nu bevinden.

Tegelijkertijd stegen de woningprijzen, zodat mensen met grote hypotheken met kleine betalingen dachten dat ze dat konden beheersen, en dat inspireerde een hele reeks van nieuwe hypotheekinstrumenten. Interessant is dat de prijzen het meest stegen in die steden met een strenge ruimtelijke ordening, wat verklaart waarom niet elke stad in dezelfde mate werd getroffen door de stijgende woningprijzen. Deze regulering belette dat bepaalde soorten grond werden gebruikt voor het bouwen van woningen. Daardoor kon het aanbod de stijgende vraag naar huisvesting maar traag volgen. Het resultaat was snel stijgende prijzen. In gebieden met minder strenge ruimtelijke verordeningen was het effect van de stijgende woningprijzen veel geringer. Nogmaals: het was regelgeving, en niet de vrije markt, die de stuwende kracht was van het streven naar winst en een belangrijke factor vormde voor de prijsstijgingen die de basis vormden voor de uit de hand gelopen leningexplosie.

Terwijl dit alles gebeurde, pompte de Federal Reserve - in naam privaat, maar met enorme monopolie-privileges toegekend door de overheid - geld in het kredietsysteem en dreef ze de rentetarieven lager en lager. Deze toestroom van krediet wakkerde de leningexplosie verder aan. Met voldoende middelen beschikbaar, dankzij uw vriendelijke monopolistische centrale bank (nauwelijks iets te maken met vrije markt), konden banken het zich veroorloven om steeds risicovoller en gevaarlijker te blijven lenen.


Het laatste hoofdstuk van het verhaal is dat in 2004 en 2005, na de boekhoudschandalen bij Freddie, zowel Freddie als Fannie boete deden aan het Congres door in te stemmen met uitbreiding van hun kredietverlening aan klanten met lage inkomens. Beiden gingen akkoord met het aankopen van grote hoeveelheden subprime en Alt-A leningen, wat aan de banken groen licht gaf om ze toe te kennen. Van 2004 tot 2006 steeg het percentage van leningen in die risicovolle categorieën van 8% tot 20% van de nieuwe Amerikaanse hypotheken. En de kwaliteit van deze leningen daalde: de afbetalingen werden geleidelijk aan kleiner, en steeds meer leningen begonnen met lage rentepercentages die later opwaarts zouden worden herzien. De banken aanvaardden risicovollere leners, want ze wisten dat ze een gegarandeerde koper hadden voor deze leningen: Fannie en Freddie, natuurlijk gesteund door ons als belastingbetalers. Ja, de banken waren "hebzuchtig" naar nieuwe klanten en risicovollere leningen, maar ze reageerden op prikkels gecreëerd door goedbedoelde maar misplaatste ingrepen van overheden. Het zijn deze interventies die uiteindelijk verantwoordelijk zijn voor de riskante leningen die slecht afliepen en die het centrum vormen van de huidige crisis, en niet de "vrije markt".

De huidige puinhoop is dus duidelijk veroorzaakt door overheidsbemoeienis met de vrije markt, van de door de Fed aangeleverde brandstof via de CRA en de ruimtelijke ordening tot Fannie en Freddie en het creëren van een kunstmatige markt voor risicovolle hypotheken.
De huidige puinhoop is dus duidelijk veroorzaakt door overheidsbemoeienis met de vrije markt, van de door de Fed aangeleverde brandstof via de CRA en de ruimtelijke ordening tot Fannie en Freddie en het creëren van een kunstmatige markt voor risicovolle hypotheken op vraag van het Congres om het eigen-woningbezit te verhogen bij gezinnen met lage inkomens. Dankzij deze tussenkomst hebben vele van deze gezinnen niet alleen hun huizen verloren, maar ook het spaargeld dat zij misschien een paar jaar hadden kunnen houden om te gebruiken voor het verwerven van een minder risicovolle hypotheek op een goedkoper huis. Al deze ingrepen in de markt creëerden de prikkel en de middelen voor de banken om winst te maken uit leningen die in een werkelijk vrije markt nooit zouden hebben bestaan.

Vermeldenswaard is dat regelgeving, beleid en interventies vaak werden gesteund door particuliere belangen. Fannie en Freddie maakten miljarden terwijl de woningprijzen stegen, en hun CEO's werden rijkelijk betaald. Hetzelfde gold voor de verschillende banken en andere tussenpersonen in de hypotheekmarkt, die het risico hielpen spreiden en waarderen, inclusief diegenen die allerlei fonkelende nieuwe financiële instrumenten ontwierpen die de verhoogde risico's van wanbetaling moesten helpen beheersen. Ze speelden een wonderlijk spel, en de financiële markten waren blij met Fannie en Freddie als gulzige kopers van hun risicovolle leningen, wetende dat de Amerikaanse belastingbetaler er nog altijd is indien nodig. 

De geschiedenis van de regelgeving voor het bedrijfsleven in de VS is een geschiedenis van bedrijven die regelgeving voor hun eigen doeleinden gebruiken, ongeacht het aura van algemeen belang dat erboven hangt. Dat is precies wat er gebeurd is op de woningmarkt. En het is ook de reden waarom pleidooien voor meer regelgeving en meer interventie zo misplaatst zijn: die middelen hebben in het verleden gefaald, en ze zullen opnieuw falen omdat diegenen wiens winsten op het spel staan, diegenen zijn die de middelen en de macht hebben om het spel in hun voordeel om te buigen.

Ik weet, vrienden, dat jullie bezorgd zijn over de macht van het bedrijfsleven. Dat ben ik ook, net als vele van mijn collega's vrije-markt-economisten. Wij geloven eenvoudigweg - en we denken dat we de geschiedenis aan onze kant hebben - dat de beste manier om de macht van de bedrijven in toom te houden, een competitieve markt is, en de macht van de consument (omkaderd, uiteraard, door wettelijke verbodsbepalingen op dwang en fraude). Concurrentie speelt gemene, stoute bedrijven tegen elkaar uit in een wedstrijd om ons te dienen. Ja, ze hebben nog macht, maar de negatieve gevolgen ervan worden verzacht. Pas als bedrijven de staat kunnen gebruiken om de spelregels in hun voordeel om te buigen, wordt het effect van hun macht versterkt, precies omdat ze dan de staatsmacht achter zich hebben staan. De huidige crisis toont dit beter dan wat ook aan, zodra je je realiseert wat een grote rol de staat speelt. Als je echt de macht van de bedrijven wil verminderen, geef ze dan geen toegang tot de staat door de regelgevende bevoegdheden van de staat uit te breiden. Dat is namelijk precies wat ze willen, zoals de huidige strijd over de buit van 700 miljard dollar ruimschoots aantoont.


Dit is waarom zo velen van ons die zich inzetten voor een vrije markt, tegenstander zijn van het reddingsplan. Het is het zoveelste voorbeeld van de lange geschiedenis van de privé-sector die zichzelf via de staat probeert te verrijken. Wanneer zij dat doet, biedt dit geen voordelen voor de gewone burger, in tegenstelling tot wat er gebeurt als bedrijven rijk proberen te worden in een concurrerende markt. Bovendien hebben diezelfde bedrijven veel voordeel gehaald uit de regulering die zij steunden en die velen van ons schade berokkende. Velen van ons vinden het uiteindelijke uiteenspatten van de zeepbel en de daaruit voortvloeiende verliezen het verdiende loon voor de vervalsing van het spel en het uiteindelijk gesnapt worden. Hen nogmaals belonen voor hun vervalsing van de spelregels is niet alleen moreel onredelijk, het is zeer slecht economisch beleid, gezien het feit dat het een boodschap aan andere potentiële spelvervalsers is dat ook zij beloond zullen worden voor hun ravage aan de Amerikaanse economie. Als we die bedrijven niet uitkopen zal er wat kortetermijn-pijn zijn, maar dat is de prijs die we betalen voor 15 jaar of meer van zotte leningen. 

Het voorgestelde reddingsplan zal de pijn niet kunnen voorkomen, maar hem alleen verbergen door een verschuiving en spreiding over de belastingbetalers en over een economie die verzwakt is door het lenen, de belastingen en/of de inflatie die nodig zullen zijn om die 700 miljard dollar te betalen. We zouden beter de korte termijn pijn rechtop dragen, de fouten van onze ontsporingen uitwissen, en vervolgens weer aan de slag gaan in onze vrije markt, zonder dat een ongecontroleerde uitvoerende macht diegenen probeert te "redden" die het meest geprofiteerd hebben van de ontsporingen en intussen het meeste schade hebben berokkend aan onschuldige belastingbetalers.

Wat ik jullie vraag, vrienden aan de linkerzijde, is om niet alleen verder met ons samen te werken in het verzet tegen dit of een soortgelijk reddingsplan, maar om zorgvuldig te overwegen of jullie dezelfde entiteit die de voornaamste oorzaak van deze crisis is de macht willen geven om haar te trachten te genezen. Nieuwe regelgevende bevoegdheden lijken misschien een oplossing, maar dat is wat mensen zeiden toen de CRA werd goedgekeurd of wanneer Fannie en Freddie nieuwe bevoegdheden kregen. En de bedrijven die zullen worden gereguleerd zullen de eersten zijn om te bepalen hoe deze reguleringen worden verwoord en toegepast. U kunt nu al raden op welke manier het spel zal worden gemanipuleerd.

Zowel de Democraten als de Republikeinen zijn schuldig aan de huidige crisis.
Ik weet dat jullie geneigd zijn te denken dat de problemen met deze regulering de schuld zijn van de personen die het moeten regelen. Jullie denken: als Obama kan winnen, en als wij de corrupte Republikeinen aan de kant kunnen zetten, en als wij ethische, goedmenende mensen in de plaats kunnen zetten, dan.... Denk eens na. Om te beginnen heeft bijna elke tussenkomst van de overheid die aan de basis ligt van deze crisis plaatsgevonden onder een Democratische president of een Democratische meerderheid in het Congres. Zelfs toen de Republikeinen het Congres beheersten, omzeilde president Clinton het om de regels inzake risicovolle leningen voor Fannie en Freddie te wijzigen. Ik wil hier de schuld voor de huidige crisis niet op de Democraten schuiven. Die schuld gaat op voor beide partijen. 

Mijn punt is dat de hoop dat de "juiste mensen" aan de macht dergelijke problemen zullen verhinderen, naïef is en geen rekening houdt met de geschiedenis. Hoezeer bedrijfsbelangen ook in het spel waren, ze werden geholpen en versterkt door goedbedoelde pogingen van welmenende mensen. Het probleem is dat er veel ongewenste en onbedoelde gevolgen waren, die meestal wel voorspelbaar waren en ook voorspeld werden. Het maakt niet uit welke partij er aan het roer staat: regulering heeft altijd onbedoelde gevolgen en loopt het risico om gekaapt te worden door die privé-belangen die het meest op het spel hebben staan. De geschiedenis staat vol van de gevallen waarin mensen met een morele of ideologische agenda objectieve bondgenoten zijn met zij wiens materiële belangen op het spel staan, zelfs wanneer die twee groepen meestal tegenover elkaar staan. Dit is het beroemde fenomeen van "Baptisten en Smokkelaars".

Als jullie al tot hier geraakt zijn, dan ben ik jullie zeer dankbaar. Of jullie nu instemmen met dit betoog of niet, ik vraag jullie één ding: het verhaal dat ik jullie in het begin vertelde over de rol van het overheidsingrijpen bij deze crisis is waar, ongeacht jullie eventuele ruimere conclusies over de oorzaken en oplossingen. Zelfs als je mijn argument niet gelooft dat meer regulering niet de remedie vormt, dan zouden jullie de bewering dat deze crisis de schuld is van de "vrije markt" nu toch als een voor de hand liggende leugen moeten doorzien. Ik hoop dat jullie, in de geest van fair play, zullen stoppen met die bewering als jullie spreken en schrijven over de gebeurtenissen van de afgelopen twee weken. We kunnen het te goeder trouw oneens zijn over wat er te doen valt, en wij kunnen het te goeder trouw oneens zijn over de mate waarin het ingrijpen van de overheid de problemen heeft veroorzaakt, maar de schuld geven aan een niet-bestaande vrije markt voor een crisis die duidelijk tot op zekere hoogte het resultaat was van uitgebreide overheidsingrepen in die markt, is oneerlijk. Ik hoop jullie toch daarvan te hebben overtuigd.

De voorstanders van vrije markten zijn op dit moment niet jullie vijanden. Het echte probleem is hier het huwelijk van bedrijfsmacht en staatsmacht. Dat is het corporatisme waar wij beiden tegen zijn.
Tot slot kan ik jullie alleen maar vragen om te blijven nadenken. Deze crisis verklaren door hebzucht zal je niet ver brengen, vermits hebzucht, net als de zwaartekracht, een constante is in onze wereld. De crisis verklaren als een mislukking van de vrije markt botst met de evidente waarheid dat deze markten verre van vrij waren van overheidsinmenging. Bedenk dat jullie zich misschien vergissen. Bedenk dat overheidsingrepen, en niet de vrije markten, winstzoekers ertoe brachten om activiteiten te ondernemen die de economie hebben geschaad. Bedenk dat overheidsingrijpen de banken en andere organisaties ertoe hebben gebracht om risico's te nemen die ze anders nooit zouden nemen. Bedenk dat centrale banken de enige organisaties zijn die in staat zijn tot het aanwakkeren van deze brand door middel van veel krediet. En bedenk dat diverse reguleringen banken tot slechte leningen hebben gedwongen en tot kunstmatig opgedreven prijzen hebben geleid. Bedenk tot slot dat de particuliere sector die overheidsinterventie en regulering graag steunt, omdat ze rendabel is.

De voorstanders van vrije markten zijn op dit moment niet jullie vijanden. Het echte probleem is hier het huwelijk van bedrijfsmacht en staatsmacht. Dat is het corporatisme waar wij beiden tegen zijn. Ik vraag jullie alleen dat jullie overwegen of een dergelijk corporatisme niet de echte oorzaak is van deze puinhoop, en dat jullie daarom herbekijken of vrije markten de oorzaak zijn en of meer regulering de oplossing is.

Bedankt voor het lezen.

Steve

Steven G. Horwitz, Professor of Economics, St. Lawrence University, Canton, New York - 28 september 2008. Deze vertaling verscheen eerder op www.lvb.net [vertaald en gepubliceerd met toestemming van de auteur - oorspronkelijke Engelstalige versie]

Gerelateerde links:
- De oorzaken van de kredietcrisis
- De overheid veroorzaakte de crisis
- Laat u niks wijs maken
- Is de kredietcrisis voorbij?
- Geld & Inflatie FAQ
- Monetair beleid voor dummies
- Ron Paul over de economische crisis
- Recessies zijn onnodig op een vrije markt
- Grote mythen over de Grote Depressie
- De culturele en spirituele erfenis van inflatie
- Alle literatuur die nodig is om de crisis te begrijpen
- Pierre Lemieux: A crises of global statism
- City Journal: The Trillion-Dollar Bank Shakedown That Bodes Ill for Cities
- Walter Williams: Subprime bailout
- Affirmative-action lending policy
- Inflation: 88% Erosion of purchasing power - and continuing

Stichting MeerVrijheid
webmaster@meervrijheid.nl