'Van mijn centen'

Door Ingezonden

5 februari 2008

Cultuur kan alleen maar bestaan, bloeien en groeien in een vrije markt.

In Intermediair schreef Flip Vuijsje:

'Geloof mij: mijn enige doel is zo veel mogelijk geld verdienen.' Dit citaat van Wolfgang Amadeus Mozart, uit een brief aan zijn vader in 1781, vond ik in In Praise of Commercial Culture, een boek van de Amerikaanse econoom Tyler Cowen uit 1998. Sindsdien is Cowen ­ nu 46 jaar oud, hoogleraar aan George Mason University (GMU) in Virginia en columnist van The New York Times -­ mijn favoriete econoom. Pas verscheen weer een nieuw boek van hem: Discover Your Inner Economist, dat ik volgende week bespreek. Maar omdat Cowen in Nederland bijna helemaal onbekend is, eerst iets over zijn eerdere werk.

Cowen is aan GMU directeur van het James M. Buchanan Center for Political Economy. De man naar wie dit instituut is vernoemd, was ook zelf jarenlang in Virginia werkzaam, was een pionier van de wetenschappelijke stroming die ‘public choice' heet, en kreeg in 1986 de Nobelprijs voor Economie.

‘Public choice'-economen staan fundamenteel wantrouwend tegenover alles wat met overheid te maken heeft. Omdat, menen zij, het meeste van wat die overheid doet geen algemeen belang dient maar alleen maar particuliere belangen. Van pressiegroepen die, ten koste van alle overige burgers en belastingbetalers, speciale overheidsprotectie of -subsidie afdwingen. Zoals boeren, vakbonden of grote bedrijven. Maar ook zoals zelfbenoemde ‘culturele elites'. 

[...]

Cultuursubsidies, zoals die vooral in Europa veel bestaan, omvatten niet alleen kunstmatig laag gehouden toegangsprijzen. Veel geld gaat ook rechtstreeks naar bijvoorbeeld orkesten en toneelgezelschappen; of naar door allerlei commissies en ambtenaren geselecteerde individuen, zoals schrijvers, componisten, filmers of beeldend kunstenaars.

Daar wordt steevast bij gezegd dat zonder die subsidies alle (‘echte') cultuur zou verdwijnen; dat cultuur die wordt uitgeleverd aan de commercie, dus aan de wetten van de vrije markt, vanzelf vulgariseert. Tyler Cowen zegt precies het omgekeerde: dat cultuur alleen maar kan bestaan, bloeien en vooral groeien bij de gratie van commercie en vrije markt.
Lees verder op Intermediar.nl.

Gerelateerde links:
- Commerce and Culture, lezingenserie van Paul Cantor op Mises.org
- Zijn kunstenaars luie subsidievreters?
- Vuile Dieve! Een pleidooi voor het afschaffen van kunstsubsidies, Karel Beckman

Stichting MeerVrijheid
webmaster@meervrijheid.nl