Nivellering vermindert de welvaart ..... voor iedereen

Door Paul Verhaegh

19 september 2007

De opportunity cost van inkomensherverdeling door de overheid.

Het kabinet Balkenende-IV kiest voor nivellering. Dat is de kern van de troonrede die vandaag is voorgelezen. PvdA-fractieleider Tichelaar stelt daarnaast nog eens dat dit pas het begin is.

Sociaal beleid noemen ze dat bij de PvdA. Iedereen telt, dus moeten we de lasten eerlijk verdelen. Op grond van het democratisch principe (de helft + 1 geeft een meerderheid) is dat ook niet zo moeilijk. Er is altijd wel een meerderheid van 50% + 1 stem te vinden voor een beleid dat erop uit is degenen die beter af zijn dan die meerderheid iets af te nemen. Piece of cake.

Maar is het ook een verstandig beleid? Zijn de uitkomsten van een dergelijk beleid ook sociaal? Voor het beantwoorden van die vraag is enig economisch inzicht vereist.

Stel dat een bovenmodale verdiener 5 dagen per week werkt en daarmee een inkomen verdient dat in het toptarief van de inkomstenbelasting valt. Laten we deze 'veelverdiener' meneer A noemen. Meneer A heeft dankzij het inkomen dat hij geniet een groot huis. Het huishouden doet A in het weekend, het kost hem de hele zaterdag. Eigenlijk kan A daarbij wel wat hulp gebruiken. Dan zou hij de zaterdag vrij zijn of kunnen besteden aan extra werk voor extra inkomen. Hij verdient met extra werken al snel meer dan wat een hulp in de huishouding hem kost. Dat is een economische afweging.

Toevallig kent A een mevrouw die een parttime baan heeft. Laten we haar mevrouw X noemen. X werkt 28 uur per week. X wil echter niet meer werken, ook niet voor A, want dat levert haar toch niets op. Met haar 28 uur per week kan ze prima rond komen: ze heeft naast haar inkomen nog huurtoeslag, zorgtoeslag, kinderbijslag en een tegemoetkoming in de schoolkosten van haar kind. Als ze meer gaat werken, raakt ze die voordelen alleen maar kwijt. Een kamer verhuren aan een student doet ze ook al niet, om precies dezelfde reden. Het kost haar alleen maar privacy terwijl ze haar huurtoeslag kwijtraakt. A vindt het vervelend dat X niet voor hem wil werken. Hij kan een hulp in de huishouding betalen, maar nu doet hij het zelf maar.

Stel nou eens dat er niet genivelleerd zou worden in Nederland, wat zou de situatie dan zijn?

'Uitgaande van het - liberale - idee dat overheidstaken beperkt zijn, kan de overheid de extra opbrengst [van het ophouden met nivelleren] gebruiken om de belastingtarieven te verlagen.'
Wel, X zou meteen ingaan op het aanbod van A om een dag per week voor hem te komen werken. Ze kan de extra inkomsten goed gebruiken, met een baan van 28 uur komt ze immers niet echt goed rond. Zeker niet met een schoolgaand kind. A is blij, hij kan nu de zaterdag vrij nemen of extra werk doen om daarmee meer inkomen te verwerven. Om het geld te verdienen dat hij X moet betalen om een dag voor hem in de huishouding te werken, hoeft hij zelf maar een halve dag extra te werken. Hij wint dus een halve dag vrije tijd door X in te huren, zonder dat er sprake is van inkomensverlies. De overheid bespaart in deze situatie geld doordat er geen toeslagen worden betaald aan mensen zoals X, die parttime werken. Doordat X meer uren gaat werken komen er bovendien meer belastingopbrengsten in de schatkist. Ook A betaalt meer belasting: hij heeft immers ook een hoger inkomen nu hij een halve dag per week meer werkt. 

Voor de overheidsfinanciën snijdt het mes dus aan twee kanten: minder uitgaven en meer inkomsten. Uitgaande van het - liberale - idee dat overheidstaken beperkt zijn kan de overheid de extra opbrengst gebruiken om de belastingtarieven te verlagen, zodat meer werken nog aantrekkelijker wordt. Als hierdoor meer mensen gaan werken of meer mensen meer uren gaan werken, kunnen de belastingtarieven nog verder naar beneden, dus voor alle mensen zoals mevrouw X en meneer A. De private welvaart neemt dan toe terwijl de overheid niet verarmt: er wordt immers meer gewerkt. Macro-economisch gezien is er sprake van betere economie. Hierdoor neemt ook de zelfredzaamheid toe, ook al een belangrijk cultuurelement van een liberale, vrije samenleving.

Door de nivelleringspolitiek gaan deze voordelen echter verloren. Economen spreken in dat verband van de opportunity cost: dat zijn voordelen die je misloopt door iets niet te doen. In dit voorbeeld zit de opportunity cost niet alleen in het feit dat X geen prikkel heeft om meer uren te werken, maar ook in het feit dat het extra inkomen dat A eventueel zou willen verwerven door ook een dag in het weekend te werken hem ook weer veel kost. Niet alleen moet hij meer belasting betalen, maar hij wordt gekort op zijn kinderbijslag en als hij het verdiende inkomen gaat uitgeven aan een grotere auto of andere luxe goederen dan blijken daar ook alweer hoge belastingen op te drukken. A zal zich dus wel twee keer bedenken om naast de volledige week die hij per week al werkt nog eens een halve dag extra te gaan werken. Het is het hem gewoon niet waard. Met als gevolg dat de belastingen die volgens de nivelleringsprofeten nodig zijn om de 'sociale' politiek te bekostingen hoog blijven, ook voor mevrouw X. Dat is de kostprijs van de Nederlandse nivelleringspolitiek.

Paul Verhaegh 

Paul Verhaegh (1962) studeerde Nederlands recht en Fiscaal recht in Leiden. Hij werkt als zelfstandig gevestigd fiscaal en juridisch adviseur te Eindhoven. Daarnaast is hij politiek actief, onder meer binnen de Libertarische beweging en schrijft hij op het blog www.liberaal-eindhoven.nl

Stichting MeerVrijheid
webmaster@meervrijheid.nl