“Een vrije pers kan alleen bestaan bij een privaat beheer over de middelen van productie.”
Ludwig von Mises

Neo-Nazi voelt zich meest thuis bij SP

Door Redactie

9 september 2007

Constant Kusters, boegbeeld van de 'extreem-rechtse neonazistische partij NVU, vindt Geert Wilders te radicaal en voelt zich meer thuis bij de extreem-linkse Socialistische Partij van Jan Marijnissen. Dat het verschil tussen extreem-rechts en extreem-links erg klein is liet Marcel Roele al eerder zien in zijn artikel 'Was Hitler links?' Hieronder enkele fragmenten.

Stel er wordt een politieke partij opgericht die zichzelf socialistisch noemt en in haar programma heeft staan dat de staat de plicht heeft ervoor te zorgen dat alle burgers in hun levensonderhoud kunnen voorzien of door de staat worden onderhouden. In andere programmapunten belooft de partij: uitbreiding van sociale voorzieningen; goede gezondheidszorg en dito onderwijs die toegankelijk zijn voor iedereen; onteigening van grond ter voorkoming dat particulieren ermee speculeren; nationalisatie van bedrijven die een monopolie hebben en winstdeling bij grote bedrijven.

Dertien jaar later komt de partij aan de macht. Ze heeft haar ideologische veren niet afgeschud; het programma is al die tijd onveranderd gebleven en wordt voortvarend uitgevoerd. Een echte linkse partij, zou je toch zeggen. Maar omdat het nu toevallig de Nationalsozialistische Deutsche Arbeiterpartei (NSDAP) betreft, beschouwt bijna iedereen die partij en haar leider, Adolf Hitler, als heel erg rechts.

[...]


Extreem-linkse demonstrant Constant Kusters (rechts op de foto) en zijn kameraden

Zowel fatsoenlijke sociaal-democraten als neostalinisten hebben er belang bij om Hitler als rechts af te schilderen. Voor de sociaal-democraten geldt dat hun sociaal-economische politiek gênant veel op die van Hitler lijkt. Anders dan Stalin wilde Hitler niet een almachtige staat die alle productiemiddelen bezit, maar wel een bemoeizuchtige staat, die voor de mensen zorgt en bepaalt wat goed voor hen is. Veel keurig nette naoorlogse politici wilden net als de NSDAP een geleide loonpolitiek, hoge overheidsuitgaven, nationalisaties, een verzorgingsstaat en een bedillerige Moeder Overheid. Maar ze verzwegen zoveel mogelijk de overeenkomsten tussen hun beleid en dat in het vooroorlogse Duitsland. Hitler mocht niets gemeen hebben met hedendaagse politici. Hij was immers de duivel in eigen persoon.

[...]

Het is een wijdverbreid misverstand dat de NSDAP de steun had van veel grote ondernemers. Hitler was een tegenstander van vrijhandel.
Nazi’s zijn niet zo salonfähig. Toch blijkt in de praktijk dat de Nederlandse naoorlogse politici nogal gecharmeerd waren van de sociaal-economische politiek die de Duitse bezetters hier vanaf 1940 introduceerden. Zo bleef na de bevrijding het door de nazi’s ingestelde College van Rijksbemiddelaars bestaan dat grote bevoegdheden had lonen en andere arbeidsvoorwaarden te bepalen. De nazi’s hebben ook de ontslagvergunning ingevoerd; werkgevers kunnen niet zomaar mensen op straat zetten. Verder besliste de naoorlogse overheid over de hoogte van huren, pachten en dividenden volgens door de nationaal-socialisten geïntroduceerde regelgeving. De naoorlogse gezondheidszorg was gebaseerd op het Ziekenfondsbesluit uit 1941. De contacten tussen bedrijven onderling, tussen bedrijfsleven en overheid en praktische zaken zoals grondstoffendistributie werden geregeld door de Organisatie Woltersom – alweer een uitvinding van de nazi’s – een overheidsorgaan waarin werkgevers waren verenigd. Die organisatie werd in 1955 opgeheven. Inmiddels bouwde men ijverig aan een verzorgingsstaat naar Duits model. 

[...]

Het is een wijdverbreid misverstand dat de NSDAP de steun had van veel grote ondernemers. Hitler was een tegenstander van vrijhandel. Hij wilde een autarkisch Duitsland dat zowel op het gebied van de dagelijkse levensmiddelen en consumptiegoederen als de zware industrie onafhankelijk was van het buitenland. Dus hadden alle bedrijven die hun geld verdienden met im- of export weinig goeds te verwachten van de NSDAP. Verder kondigde Hitler een jaar voor hij aan de macht kwam alvast de hoofdlijnen van zijn eerste vierjarenplan aan en de meeste ondernemers gruwden van zijn staatsdirigisme. Dat lag anders voor bedrijven die (terecht) meenden onder een nazistisch bewind grote staatsopdrachten tegemoet te kunnen zien – in het kader van infrastructurele werken en herbewapening. Zo zouden in 1937 de bouw tachtig procent en de industrie vijftig procent van hun omzet halen uit opdrachten van de staat. 

Lees verder
 

Stichting MeerVrijheid
webmaster@meervrijheid.nl