“Some regard private enterprise as if it were a predatory tiger to be shot. Others look upon it as a cow that they can milk. Only a handful see it for what it really is - the strong horse that pulls the whole cart.”
Winston Churchill

Heeft u slapeloze nachten door de handelsbalans?

Door John Stossel

14 juli 2007

Mij wordt verteld dat ik me zorgen moet maken over het tekort op de handelsbalans.

Commentators en populistische politici zitten met hun handen in het haar. Het tekort op de handelsbalans is een "kwaadaardige tumor in de ingewanden van de economie van de VS", zegt Pat Buchanan. Lou Dobbs is onthutst, "we lenen zo'n 3 miljard dollar per dag om alleen al onze import te betalen!"

Van economen heb ik geleerd dat het tekort op de handelsbalans niet zo belangrijk is. (Tekorten op de staatsbegroting kunnen dat wel degelijk zijn, maar dat is een ander onderwerp). Maar toen alle wijze mannen en politici zo geschrokken waren begon ik me af te vragen of ik het nog wel snapte.

Toen dacht ik aan mijn buurtsuper. Ik koop elke week dingen bij Food Emporium. Elk jaar geef ik er duizenden dollars uit. Maar de supermarkt koopt nooit wat van mij. Helemaal niks.

Toch is dat niet erg. Beter nog, het is fantastisch! Stel dat ik er alleen wat zou mogen kopen voorzover ze mijn diensten nodig zouden hebben. Ik zou omkomen van de honger. Dat zou ruilhandel zijn, en de mensheid heeft ruilhandel al eeuwen juist afgeschaft ten bate van een geldeconomie omdat ruilen zo onhandig is.

De handelsbalans verdoezelt de werkelijkheid. Individuen handelen alleen als beide partijen verwachten erop vooruit te gaan. Als ze dat niet zouden verwachten zouden ze niet handelen. Dat is zelfs zo als de ene partij Amerikaans is en de andere Chinees. Handel blijft handel.

Als de handelsbalans op individueel niveau ons niets kan schelen, wat maakt het dan uit dat Amerikanen als groep, in een bepaald jaar, meer van de Chinezen kopen dan andersom?

Niets.

Sterker nog, het is juist goed. Buitenlanders verhandelen fantastische dingen (en kapitaalgoederen) voor papiergeld. Ze kunnen maar drie dingen doen met onze dollars: Amerikaanse goederen en diensten kopen, sparen, of investeren in de Verenigde Staten (waaronder ook het kopen van staatsobligaties).

Met andere woorden, het meeste wat buitenlanders hier niet uitgeven investeren ze hier. Het tekort op de handelsbalans heeft een even grote tegenhanger; een overschot op de kapitaalbalans.

Is het feit dat buitenlanders de economie van de VS uitkiezen om in te investeren iets om je zorgen over te maken? Ik zie niet in waarom. Het is juist prachtig: ze hebben genoeg vertrouwen in de toekomst van Amerika om erin te investeren. Investeringen zorgen voor nieuwe producten en betere banen.

"Het is gewoon niet waar dat het zogenaamde 'tekort' op de handelsbalans een schuld zou zijn."
Helemaal belachelijk is het idee van Lou Dobbs dat het tekort op de handelsbalans betekent dat we buitenlanders geld schuldig zijn. Afgezien van de staatsobligaties die buitenlanders kopen is dit gewoon niet waar. Zoals Donald Boudreaux, econoom aan de George Mason universiteit, schreef in het decembernummer van The Freeman: "Als meneer Sony de 2000 dollar die hij voor zijn computers krijgt van Amerikanen gebruikt om voor 2000 dollar aandelen Exxon te kopen neemt het tekort op de handelsbalans met 2000 dollar toe, maar er is geen schuld ontstaan. Meneer Sony heeft niets tegoed van welke Amerikaan dan ook. Het is gewoon niet waar dat het zogenaamde 'tekort' op de handelsbalans een schuld zou zijn."

Boudreaux voegt eraan toe: "Als we het toejuichen dat inwoners van Wisconsin sparen en investeren in softwarebedrijven in Californië of sinaasappelboomgaarden in Florida, waarom zouden we dan niet even blij zijn met de inwoners van Shanghai die sparen en investeren in dezelfde bedrijven?"

Daar heeft hij een punt, en al helemaal als je je bedenkt dat de enige manier om het tekort op de handelsbalans te verlagen is dat de overheid het zou verbieden om wat dan ook te kopen.

Wat de angstzaaiers over handelstekorten niet vertellen is dat landen met een overschot op de handelsbalans er vaak niet zo goed voorstaan. Japan had een overschot tijdens de hele recessie die in 1990 begon en pas nu ten einde komt. Landen met tekorten op de handelsbalans maken daarentegen vaak een hoogconjunctuur mee. Een onderzoek door het Cato Institute toont dat aan: "In tegenstelling tot wat vaak verondersteld wordt, gaan 'verslechterende' handelsbalansen samen met een sneller groei van het BNP en productie, en snellere verlaging van de werkloosheid, terwijl 'verbeterende' handelsbalansen juist samengaan met een langzamere groei van het BNP en productie, en stijgende werkloosheid."

Adam Smith had het bij het rechte eind toen hij schreef: "Niets kan daarentegen nog belachelijker zijn dan dit geloof in balans in handel".

John Stossel

Oorspronkelijke Engelse versie

John Stossel is presentator van het programma 20/20 op ABC en won 19 Emmy Awards met zijn reportages. Hij is auteur van "Myths, Lies, and Downright Stupidity: Get Out the Shovel--Why Everything You Know is Wrong" (http://www.amazon.com/Myths-Lies-Downright-Stupidity-Shovel-Why/dp/1401302548) waarin hij allerlei misverstanden aan de kaak stelt.

Stichting MeerVrijheid
webmaster@meervrijheid.nl