“To include freedom in the... definition of democracy is to define a process not by its actual characteristics... but by its hoped for results.”
Thomas Sowell

Dwangarbeid

Door Bart Croughs

25 april 2002

Sinds Pim Fortuyn met het voorstel kwam om jongeren een jaar lang onder dwang arbeid te laten verrichten voor de Nederlandse staat, is er in de media een voorzichtige beweging ontstaan die zich voor dit idee sterk maakt.

Gelukkig blijven deze geluiden niet beperkt tot de rechtse hoek van Fortuyn; ook in het progressief-christelijke dagblad Trouw  is de afgelopen weken campagne gevoerd.

Hoe sympathiek deze campagne ook is, er kleven twee grote zwakheden aan. Een eerste zwakheid is de terminologie: er wordt steevast gesproken van 'sociale dienstplicht'. Dat is niet verstandig: tegenstanders zouden dit eufemistische taalgebruik vrij eenvoudig onder vuur kunnen nemen.

De kritiek dat de voorstanders van dwangarbeid hun toevlucht nemen tot versluierende, politiek correcte terminologie om zo geen onnodige weerstand op te roepen, ligt voor de hand. Deze kritiek moet worden voorkomen. Laten we het lef hebben te zeggen waar het op staat: ja, wij zijn voorstanders van dwangarbeid.

Een tweede zwakheid is de volgende: in de huidige voorstellen is steeds sprake van dwangarbeid in dienst van de staat. Nu weten we allemaal hoe inefficient de staat werkt. De luiheid van de ambtenaar is spreekwoordelijk, en de ambtenaar is nog wel op vrijwillige basis in dienst.

Wanneer er sprake is van arbeid onder dwang, dan valt te vrezen dat de lijntrekkerij helemaal niet meer in de hand valt te houden. Een beter idee zou daarom zijn om de jeugdige dwangarbeiders niet voor de staat te laten werken, maar voor prive-personen. Alleen zij hebben de motivatie om het beste in de dwangarbeider naar boven te halen, om de eenvoudige reden dat de opbrengst direct aan hen ten goede komt.

Ook de geschiedenis levert overdadig bewijs voor de superioriteit van private dwangarbeid boven staatsdwangarbeid: vergelijk alleen maar de efficiente private dwangarbeid in het Amerika van de 19e eeuw met de spilzuchtige staatsdwangarbeid in de kampen van de communisten een eeuw later.

Het zou eeuwig zonde zijn als een idee dat in principe waardevol is, door onnodige fouten op niets zou uitlopen.

Deze column verscheen eerder in HP/De Tijd

Over de auteur

Bart Croughs (1966) is een van de vruchtbaarste libertarische geesten van Nederland. Hij is afgestudeerd in de filosofie en was voorheen hoofdredacteur van het tijdschrift "Reactie".

Bart Croughs schreef het boek "In de naam van de vrouw, de homo en de allochtoon". U kunt het bestellen bij Lulu.com of delen ervan hier lezen. Het is een humoristische en felle aanval op het links intellectuele denken in Nederland en legt op zeer leesbare wijze de inconsequenties ervan bloot.

Verder schreef hij voor Playboy zijn eigen column in de periode van maart 1997 tot en met augustus 1998. Gedurende enkele jaren had Croughs een column in het opinieweekblad HP/de Tijd.

Stichting MeerVrijheid
webmaster@meervrijheid.nl