Het Vrije Woord en de Ideologie van de Multiculturele Samenleving - deel 4

Door Matthias Storme

24 oktober 2005

Hieronder vindt u het vierde en laatste deel van Matthias Stormes artikel over de vrijheid van meningsuiting in de multiculturele samenleving. Hij gaat hier in op de rol die universiteiten feitelijk spelen en zouden moeten spelen. Kijk hier voor de eerdere delen.

Toegepast op de universiteiten

21. Laten we dit even toepassen op organisaties die voor academici natuurlijk van bijzonder belang zijn: onze Universiteiten. In beginsel moeten we dus een onderscheid maken tussen publieke en private universiteiten. De laatste kunnen bv. ideologische of religieuze eisen stellen bij de aanwerving van hun personeel. Zij kunnen ook eisen stellen aan de meningsuitingen van hun personeel. Zij moeten zich natuurlijk wel houden aan de regels die contractueel zijn afgesproken, maar kunnen in beginsel meningsuitingsbeperkende regels hanteren, althans wanneer die uitdrukkelijk zijn bedongen bij de aanwerving.

22. De vraag rijst evenwel of er in ons land nog sprake is van private universiteiten in de echte zin des woords, en of er in bepaalde opzichten geen feitelijk op vele vlakken elk alternatief uitsluit. Anders dan in de Verenigde Staten is het in ons land onmogelijk om zomaar een nieuwe private universiteit op te richten. De vraag is dus hoe groot de keuzevrijheid nog is. Indien met name alle Universiteiten zich "bekennen" tot de ideologie van het multiculturalisme heeft die ideologie daarmee een feitelijk monopolie op de markt van de universiteiten, en is het dus niet aanvaardbaar dat een universiteit iemand zou discrimineren omdat hij de officiële opvatting over het multiculturalisme niet deelt. Op andere vlakken geldt dat monopolie nog niet: het is dus nog steeds perfect aanvaardbaar dat een zich katholiek noemende universiteit religieuze eisen stelt aan haar personeel, precies omdat er op dat vlak voldoende alternatieven zijn. Jammer genoeg moeten we vaststellen dat de zich katholiek noemende universiteit in recente tijden weinig graten ziet in uitgesproken niet-katholieke opvattingen onder haar personeel, en veel meer problemen schijnt te hebben met opvattingen die afwijken van de staatsgodsdienst van multiculturalisme en non-discriminatie.

De opdracht van de universiteit ter verdediging van de vrije meningsuiting

23. Ik beschouw het daarentegen precies als een belangrijke taak voor onze universiteiten om meer dan welke instelling ook de vrijheid van meningsuiting te bevorderen en te vrijwaren. Ik vind het bedroevend om vast te stellen dat personen die zich lenen tot het verdrukken van de vrije meningsuiting een plaats hebben aan onze Universiteiten. en daarvoor nooit verontrust worden, wat niet kan gezegd worden van diegenen die juist hun nek uitsteken voor die vrijheid. De Universiteiten zouden juist weerstand moeten bieden aan de repressie door de overheid in plaats van er zich toe te lenen een dergelijke politiek mee uit te voeren. De Universiteiten moeten een vrijhaven zijn van het denken [15]. De daarmee strijdige bepalingen van allerhande antidiscriminatieverklaringen zijn een onaanvaardbare aanslag op die vrijheid van denken en spreken [16].

'De Universiteiten zouden juist weerstand moeten bieden aan de repressie door de overheid in plaats van er zich toe te lenen een dergelijke politiek mee uit te voeren.'
De Universiteiten zouden zich integendeel moeten opwerpen als beschermheren van hun kritische professoren, wanneer die bv. door de media of door andere lobby's worden aangevallen. Natuurlijk moeten de Universiteiten niet de inhoud verdedigen van wat alle professoren vertellen - bespaar ons dat in Godsnaam - maar wel het feit dat zij de vrijheid hebben dat te zeggen. Zij zouden luidop moeten protesteren telkens wanneer de buitenwereld de inperking vraagt van de vrije meningsuiting van professoren of sancties vraagt tegen professoren die onwelgevallige meningen uiten. Naarmate de Universiteiten versagen in deze plicht, zullen de groepen die het luidst roepen of het meest intimideren door vrijdenkers van allerlei fobieën te beschuldigen, er steeds meer in slagen hun partijdige kijk op te dringen aan het publieke debat en worden de gedachten steeds minder vrij. Ik ben er al evenmin als Paul Cliteur gerust in.

Matthias Storme

Deel Drie

Noten
[15] Natuurlijk hebben Universiteiten het recht en zelfs de plicht na te gaan of hun professoren hun taak vervullen, of ze naar behoren hun onderwijsopdrachten vervullen, onderzoek verrichten, of aan dienstverlening doen, of ze geen fraude plegen of tolereren, zich niet aan plagiaat bezondigen e.d.m. En natuurlijk houdt de vrijheid van meningsuiting van professoren niet in dat zij tijdens het onderwijs gelijk wat mogen zeggen, en hun colleges zouden mogen misbruiken om ideologische meningen te uiten die voor de opleiding van de studenten niet relevant zijn. En natuurlijk hebben de professoren ook een vorm van beroepsgeheim. De lezer zal ook wel beseffen dat het er hier niet daarom te doen is. Deze vragen komen in andere bijdragen aan dit Forum aan bod.
[16] Zo heeft de universiteit Gent de dictatuur van de politieke correctheid en de fobomanie al ingevoerd door het verbieden van "discriminerende stereotiepen en vooroordelen" in colleges en syllabusmateriaal en te eisen dat bij het formuleren van uitspraken en het aangaan van discussies "de mensenrechten" (welke ??) als leidraad dienen (zie art. 4 antidiscriminatieverklaring van 16 januari 2004). Op deze wijze wordt dus duidelijk één bepaalde ideologie als enige toegelaten in het onderwijs.

Gerelateerde links:
- De Molinari-lezing door Prof. dr. Matthias Storme (MP3, 32 kbps, 12,6 MB, 55 minuten)
- Matthias Storme: De Vrijheid om te Discrimineren
- Homepage (Thuisblad) van Matthias Storme

Stichting MeerVrijheid
webmaster@meervrijheid.nl