Politieke versus Economische Integratie

Door Hans-Hermann Hoppe

10 juli 2006

Volgens de orthodoxe visie is centralisering in het algemeen een ‘goede’ en progressieve ontwikkeling.

Desintegratie en secessie (afscheiding) zijn daarentegen een anachronisme, zelfs indien ze soms onvermijdelijk zijn. Aanhangers van deze visie stellen dat grotere politieke eenheden – en uiteindelijk één enkele wereldregering – leiden tot grotere markten en tot een toename van rijkdom. Zij wijzen erop dat de economische welvaart door de toegenomen centralisering enorm is verhoogd. Deze orthodoxe visie is evenwel niet correct.

Ze illustreert enkel dat de geschiedenis altijd door de overwinnaars wordt geschreven. Vooreerst tonen correlatie of tijdelijke samenloop nog geen causaal verband aan. Daarnaast is het zo dat de verhouding tussen economische welvaart en centralisering niet alleen zeer verschillend maar bijna het omgekeerde is van wat de conventionele leer stelt.

Politieke integratie (centralisering) en economische integratie (de integratie van de markt) zijn twee totaal verschillende fenomenen. Politieke integratie houdt in dat de staat zijn belasting- en onteigeningsbevoegdheid over een groter territorium uitbreidt. Economische integratie is daarentegen de uitbreiding van de interpersoonlijke en interregionale verdeling van arbeid en marktdeelname.

Door de heffing van belastingen en het reguleren van private eigenaars en marktinkomens handelen alle regeringen in principe contraproductief. Zij verminderen namelijk marktdeelname en de vorming van economische rijkdom.

Er bestaat geen rechtstreekse relatie tussen territoriale omvang en economische integratie. Zwitserland en Albanië zijn allebei kleine landen. Zwitserland heeft een hoge mate aan economische integratie, Albanië niet. Zowel de Verenigde Staten als de vroegere Sovjet- Unie zijn enorm groot. Terwijl er evenwel in de Verenigde Staten sprake is van een grote verdeling van arbeid en van een hoge marktdeelname, was er bijna geen economische integratie in de Sovjet-Unie waar praktisch geen private eigendom van kapitaal bestond.

Centralisering kan dus gepaard gaan met economische vooruitgang of integendeel met een achteruitgang. Er is economische vooruitgang wanneer een minder belastende en regulerende regering zijn territorium uitbreidt ten koste van een regering die zijn onderdanen meer uitbuit. Indien het omgekeerde evenwel plaats vindt, impliceert centralisering economische desintegratie en achteruitgang.

Dit is het tweede deel van een artikel van Hoppe dat eerder op van Secessie.nu verscheen. Het eerste deel van deze vierdelige reeks vindt u hier.

Over de auteur

De anarcho-kapitalist Hans-Hermann Hoppe is professor in de Economie aan de University of Nevada in Las Vegas.

Hoppe windt er geen doekjes om, gaat recht op zijn doel af en houdt zich niet bezig met politiek correct woordgebruik. In zijn boek (2001) 'Democracy, the God that failed' bespreekt hij de vele manco's van dit algemeen gewaardeerde fenomeen en betoogt hij onder andere dat het democratische stelsel een kwalijke korte termijnstrategie bij bestuurders veroorzaakt.

Stichting MeerVrijheid
webmaster@meervrijheid.nl