How to succeed in business without really trying

Door Pamela Hemelrijk

7 september 2005

De meeste mensen kunnen zich dat al niet meer voorstellen, maar er is een tijd geweest, nog niet eens zo heel lang geleden, dat westerse regeringen zich niet of nauwelijks bemoeiden met economie, cultuur, wetenschap, welzijn, medische zorg etc., en zich hoofdzakelijk onledig hielden met het handhaven van recht en orde. Laten we voor het gemak het jaar 1900 als mijlpaal nemen.

Het was tevens een periode van ongeëvenaarde economische bloei. Amerika heeft aan die tijd zijn legendarische reputatie als “land van onbegrensde mogelijkheden” overgehouden, en ook in West-Europa bereikte de conjunctuur ongekende hoogten.

Thans wordt de economie op alle fronten gedirigeerd door machthebbers, die de hoogte van lonen en prijzen bindend voorschrijven, importrestricties opleggen, exportkredieten verstrekken, fusies bestraffen met boetes, fusies onder dwang tot stand brengen, monopolies uitdelen, hele bedrijfstakken dwingen tot het lidmaatschap van publiekrechtelijke organisaties, gemeenschapsgeld pompen in ten dode opgeschreven ondernemingen, werkgevers verbieden om personeel te ontslaan, werkgevers dwingen om mensen aan te nemen die ze niet kunnen gebruiken, en ga zo maar door. Dat gaat heel ver: zo kan het gebeuren dat bedrijven waar geen ene vrouw werkt, toch verplicht worden om een damestoilet aan te leggen, kinderopvang te verzorgen en een klachtenafdeling voor seksuele intimidatie in het leven te roepen. Voor een klein bedrijfje kan zoiets net de nekslag betekenen.

'Zodra ambtenaren zeggenschap krijgen over handelsverkeer, dan is het voornaamste product dat wordt gekocht en verkocht …de ambtenarij zelf'
“Zodra ambtenaren zeggenschap krijgen over handelsverkeer, dan is het voornaamste product dat wordt gekocht en verkocht …de ambtenarij zelf”, heeft een wijs man, wiens naam me nou niet te binnen wil schieten, eens gezegd.

Het gelijk van die man kan niet genoeg worden benadrukt. Rond 1900 had je als ondernemer maar één mogelijkheid om je concurrenten het nakijken te geven: door hoge kwaliteit te leveren voor een zo laag mogelijke prijs. Meer middelen had je niet tot je beschikking (tenzij je lid was van de mafia).

Maar nu is daar een veel effectievere manier voor in de plaats gekomen: je concurrent de nek omdraaien door de machthebbers te bewerken, en zo de wetgeving aan je zijde te krijgen. Als ik pakweg een snelheidsbegrenzer op de markt breng, waarom zou ik daar dan dure reclame voor gaan maken? Veel lucratiever is het om de bureaucratie in Brussel ervan te overtuigen (liefst gewapend met “wetenschappelijke” onderzoeksrapporten van een “onafhankelijk” instituut) dat die snelheidsbegrenzer van mij een absolute noodzaak is voor de verkeersveiligheid die het aantal verkeersdoden met 30.000 per jaar zal verminderen, en dat de aanschaf ervan dus per bindende richtlijn verplicht moet worden gesteld voor alle Europese weggebruikers! Als dat lukt hoef ik mijn spullen zelf niet meer aan de man te brengen. Dan doet de Europese Commissie dat voor mij. Met harde hand.

En als mijn handel bedreigd wordt door goedkopere producten van elders, dan probeer ik gewoon de autoriteiten wijs te maken dat die goedkope producten van mijn concurrent brandgevaarlijk zijn, of inbraakgevoelig, of een gevaar voor de verkeersveiligheid, en dat ze dus van de markt gehaald moeten worden. Die “onafhankelijke” instituten leveren “wetenschappelijke” conclusies op bestelling, zoals bekend. Je kunt gewoon van tevoren zeggen wat de uitkomst moet zijn, en die krijg je dan in een schitterende ringband toegestuurd. Als je maar genoeg betaalt. Iedereen weet dat, behalve de bureaucraten die hun beleid erdoor laten dicteren.

'[De] smerige tactiek wordt uiteraard in eerste instantie vooral beoefend door schurkachtige ondernemers. Maar naarmate die schurkachtige ondernemers een steeds groter marktaandeel veroveren met hun strategie, is ook de fatsoenlijke ondernemer wel genoodzaakt om lobbyisten in dienst te nemen.'
Deze smerige tactiek wordt uiteraard in eerste instantie vooral beoefend door schurkachtige ondernemers. Maar naarmate die schurkachtige ondernemers een steeds groter marktaandeel veroveren met hun strategie, is ook de fatsoenlijke ondernemer wel genoodzaakt om lobbyisten in dienst te nemen. Anders overleeft hij die veldslag niet, en kan er elk moment een zwaard van Damocles op zijn bedrijf nederdalen in de vorm van een verbod, of een tariefsverhoging, of een voorschrift waaraan hij met geen mogelijkheid kan voldoen.

Een fraai voorbeeld van de manier waarop deze menseneterscultuur in zijn werk gaat was vorige week op de voorpagina van het Algemeen Dagblad te bewonderen: “Fout kozijn biedt dief open huis”, bulderde de voorpagina. Wat is er aan de hand? Volgens de Stichting Kwaliteit Gevelbouw (SKG) moet er paal en perk gesteld worden aan de verkoop van goedkope kunststof raamkozijnen uit het buitenland. De SKG is een keurmerkinstituut, dat door de branchevereniging van Nederlandse kozijnfabrikanten in het leven is geroepen. Volgens de directeur, E.F. Zandstra, hebben we te maken met een “zwaar en onderbelicht probleem”, “oneerlijke concurrentie uit het buitenland”, en “foute voorlichting aan de consument”. Vooral goedkope kozijnen uit Duitsland en Polen, die volgens de heer Zandstra “met agressieve colportagemethoden aan de man worden gebracht”, moeten het ontgelden: “de consument is de dupe”, aldus Zandstra, “door onwetendheid en de verleiding veel geld te besparen”.


De Nederlandse kunststofkozijnbranche, gaat het artikel verder, bevestigt dit alarmerende geluid. Ja, dat haal je de koekoek, dat de Nederlandse kunstofkozijnbranche hier helemaal achter staat. Een willekeurige kozijnenfabrikant mag ook nog even een duit in het zakje doen: “In Nederland komt deze misstand veel voor”, aldus directeur W. Schaven van: …de kozijnenfabriek Ramalux uit Sittard. Hij voegt er aan toe dat er zeer grote bedrijven bij deze “misstand” betrokken zijn, en dat er “sprake is van een moordende concurrentie”. Zegt u dat wel, meneer Schaven. En die strijd wordt uitgevochten op een uiterst onfrisse manier, als ik zo vrij mag zijn.

Wat is er nou eigenlijk loos met die kozijnen uit Polen? Nou, de glaslatten zitten aan de buitenkant, zodat je als inbreker gemakkelijk het venster uit de sponningen kunt lichten. Dat je als inbreker met een simpele glassnijder ieder venster te lijf kunt gaan, met of zonder duur kozijn eromheen, laat hij gemakshalve buiten beschouwing.

Zelfs de politie wordt erbij gehaald: die heeft, zo meldt het artikel, “onlangs duizenden gezinnen in de Haagse wijk Benoordenhout per brief gewaarschuwd voor de inbraakgevoeligheid van woningen met kunststof kozijnen waarvan de glaslatten aan de buitenkant zitten”. Heeft de Haagse politie niks beters te doen, vraag je je af. En als deze misstand werkelijk zo alarmerend is, waarom worden dan alleen de bewoners van het Benoordenhout gewaarschuwd?

Ik zie de eerstvolgende vergadering van de Stichting Kwaliteit Gevelbouw al helemaal voor me: “Goed nieuws, mijne heren! Onze PR-adviseur is erin geslaagd onze verdachtmakingen jegens Poolse raamkozijnen op de voorpagina van het Algemeen Dagblad te krijgen. Het ei van Columbus, want zoals u allemaal weet is het niet toegestaan om in een advertentie je concurrenten zwart te maken. Vandaar dat onze PR-adviseur onze oorlog tegen de Polen als nieuws heeft vermomd, en die onnozele hals van een verslaggever is er nog ingestonken ook! Opening krant maar liefst! Dat hadden zelfs wij niet durven dromen. Kortom, mijne heren: de eerste slag is binnen, en het wachten is nu alleen nog op een wettelijk verbod. Met de politie Haaglanden achter ons zal dat niet lang op zich laten wachten. Proost!

'[D]e eerlijke concurrentie van weleer is al lang een zachte dood gestorven. Wat ervoor in de plaats is gekomen is een levendige handel in privileges en voorkeursbehandelingen, die met grote behendigheid door betaalde professionals worden ontfutseld aan machthebbers en bureaucraten.'
“Ik heb trouwens nog meer goed nieuws voor u: zoals bekend worden huiseigenaren in Amsterdamse stadsvernieuwingswijken sinds kort door de gemeente gedwongen om hun woningen te beveiligen tegen inbraak. Vroeger gold die verplichting alleen voor achterstallig onderhoud, maar nu dus ook voor huiseigenaren met “foute” raamkozijnen. Dat was kassa voor ons! Groot was dan ook de teleurstelling in de branche toen een groep huiseigenaren in het stadsdeel Westerpark weigerde aan die verplichting te voldoen. Dit ondanks het feit dat er voor die beveiligingsmaatregelen subsidie werd verleend! Aanvankelijk kregen de wederspannige huiseigenaren, tot onze ontzetting, ook nog gelijk van de rechter. Maar gelukkig is het stadsdeel tegen dat vonnis in beroep gegaan, en ik kan u tot mijn grote vreugde meedelen dat de Raad van State dat vonnis thans heeft vernietigd. Alle huiseigenaren in stadsvernieuwingswijken kunnen nu weer verplicht worden om veilige raamkozijnen aan te brengen. Doen ze dat niet, dan zal de gemeente die taak op zich nemen, en de kosten op de eigenaren verhalen. Is dat goed nieuws of niet? Onze PR-adviseur loopt zich al warm om bij alle deelraden goede contacten op te bouwen met de ambtenarij. Ik voorzie gouden tijden voor onze branche.”

Zo gaat dat, in een postmoderne economie. En de staat maar blijven volhouden dat zij overal ingrijpt om “eerlijke concurrentie” te waarborgen. Maar de eerlijke concurrentie van weleer is al lang een zachte dood gestorven. Wat ervoor in de plaats is gekomen is een levendige handel in privileges en voorkeursbehandelingen, die met grote behendigheid door betaalde professionals worden ontfutseld aan machthebbers en bureaucraten. Net als in de tijd van Lodewijk de Veertiende.

Pamela Hemelrijk


Over de auteur

Pamela Hemelrijk (1947 - 2009) heeft twaalf jaar voor het ANP gewerkt als algemeen verslaggeefster, en tien jaar voor het Algemeen Dagblad, als feature-reporter en columniste.

Steeds meer conflicten met de hoofdredactie wegens het buiten hangen van de vuile was, en censuur op columns. Kreeg in 1995 een verbod om nog langer columns te schrijven over Srebrenica. (Hoofdredacteur: "Jij altijd met je gezeur over de waarheid, de hele waarheid en niets dan de waarheid; wij moeten hier een krant maken ja? Wij hebben hier te maken met de orde van de dag ja?")

Stichting MeerVrijheid
webmaster@meervrijheid.nl