“Geef iemand het permanente bezit van kale rotsen en hij zal er een tuin van maken; verpacht hem de tuin voor negen jaar en hij zal er een woestijn van maken... De magie van eigendom verandert zand in goud. ”
Arthur Young

Wat is erger dan Lonsdale? Che Guevara!

Door Jaap de Wreede

15 maart 2005

Lonsdale is een Brits kledingmerk. Zoals er zoveel kledingmerken zijn. Een kleine, doch fanatieke lobby maakt Lonsdale echter stelselmatig zwart. Daarbij worden de meest wilde beschuldigingen uit de kast gehaald. Zo menen linkse activisten de afkorting 'NSDAP' in Lonsdale te herkennen. Maar waar zien zij dan de P? Ook zou Lonsdale staan voor: 'Laat ons Nederlanders samen de allochtonen elimineren'. Maar in het Engels klopt dat natuurlijk niet.

Journalisten hebben de moskeebranden als reactie op de moord op Theo van Gogh stelselmatig in verband gebracht met Lonsdale-kleding dragende jongeren. Maar zeventien arrestaties later ontbreekt elk bewijs voor de Lonsdale-connectie.

Al enkele jaren wordt het kledingmerk in de foute hoek gedrukt. Het Eijkhagencollege in Landgraaf komt in 2003 als eerste in het nieuws door een Lonsdale-verbod in te stellen. Aanleiding zijn vechtpartijen tussen linkse en rechtse jongeren. Sindsdien wordt Lonsdale van steeds meer scholen geweerd. In Groningen is er zelfs een discotheek die dragers van Karl Kani weigert, een producent van trainingspakken die populair zijn onder zwarten.

Wat valt op in deze discussie? Dat niemand valt over het dragen van kledingstukken met daarop het gezicht van een massamoordenaar. Zulke T-shirts zijn immers dagelijks op de Nederlandse scholen te zien. Veel jongeren dragen immers kleding met daarop Korda's beroemde foto van Che Guevara.

Deze jongeren weten vaak niet eens wie Guevara was. Ze zien hem als een symbool van rebellie, en weten niet dat hij in werkelijkheid een dictator was. Door een jeugdcultuur zonder moraal is de beeltenis van de moordende Argentijn aan hen verkocht als het toppunt van hip. De kledingfabrikanten kan het niets schelen. Zij verdienen er makkelijk geld mee. Lenin zei het al: 'Hebzuchtige kapitalisten zullen ons het touw verkopen waarmee wij hen zullen opknopen.'

Ernesto Guevara (Buenos Aires, 1928-1967) is als tiener een volgeling van de fascistische dictator Juan Perón. Ernesto geeft zijn kamermeisjes de raad op hem te stemmen.

Maar tijdens zijn studie medicijnen zijn Ernesto's sympathieën omgeslagen. Guevara is korte tijd lid van een communistische jeugdorganisatie en doet mee aan rellen tegen Perón.

In 1954 gaat Guevara naar Guatemala om het socialistische experiment onder president Arbenz met eigen ogen te zien. Hij vindt het land veel te vrij, want: 'Hier zijn kranten die worden gerund door [de multinational] United Fruit, en als ik Arbenz was zou ik ze binnen vijf minuten sluiten’.

In 1956 sluit Guevara zich aan bij de Cubaanse guerrillaleider Fidel Castro. De Argentijn klimt snel op binnen Castro's beweging, die wordt gekenmerkt door genadeloosheid. Op drie misdaden staat de doodstraf: desertie, insubordinatie en defaitisme.

De boeren in de Cubaanse bergen worden afgeperst, geterroriseerd en zelfs vermoord wanneer ze Castro geen voedsel of andere hulp bieden. Om de economie te ontwrichten steken de guerrilla's hun suikerrietvelden in brand. Verder worden mensen ontvoerd, onder wie Amerikaanse mariniers.

"Zelf geeft Guevara toe dat hij duizenden executies heeft bevolen."
Als commandant van een colonne rebellen valt Che op door zijn hardheid. Een guerrillastrijder in zijn colonne, een jochie nog maar, heeft wat voedsel gestolen. Hij wordt onmiddellijk gefusilleerd, zonder enige vorm van proces. Over een 'verrader' schrijft hij: '(....) ik beëindigde het probleem door hem in de rechterslaap te schieten met een .32 pistool, met een uitgangswond in de rechter hersenhelft.’

Op 1 januari 1959 neemt Castro de macht over. Guevara wordt genaturaliseerd tot Cubaan en legt in een aantal hoge posities het 'Sovjetmodel' op aan Cuba. Als 'hoofdaanklager' is hij verantwoordelijk voor de berechting van functionarissen van het vorige regime. Volgens de buitenlandse pers resulteren Guevara's processen in de executie van 600 mensen. Zelf geeft Guevara toe dat hij duizenden executies heeft bevolen.

Alle religieuze onderwijsinstellingen worden gesloten en hun gebouwen in beslag genomen. Honderdeenendertig priesters en geestelijken worden van Cuba verbannen. In concentratiekampen worden christenen, pooiers, homoseksuelen en andere 'sociaal afwijkende personen' opgesloten. Ze worden onderworpen aan ondervoeding, mishandeling en isolement. Ongehoorzame gevangenen moeten gras met hun tanden snijden. Anderen worden enkele uren in beerputten gedompeld. Terwijl Guevara de kerk vervolgde, durven zijn aanhangers hem heden tendage met Christus te vergelijken!



En nog eentje...
Vanaf het begin wil Castro zijn revolutie exporteren. Guevara is de grondlegger van het Bevrijdings Departement van de Cubaanse geheime dienst. Deze afdeling organiseert, traint en assisteert terreuroperaties in het buitenland. Radicalen over de hele wereld kunnen gebruikmaken van een door Che in 1960 uitgegeven guerrilla-handboek.

In februari 1965 spreekt Guevara op een conferentie in Algiers. Hij houdt een pleidooi voor steun aan communistische terreurbewegingen in de derde wereld. Verder beschuldigt hij de communistische landen van imperialistische trekken, omdat zij geld verdienen met export naar ontwikkelingslanden. In de Sovjetunie wordt ontstemd kennisgenomen van deze toespraak. Teruggekeerd in Cuba vindt er een stormachtig onderhoud plaats tussen Che en Castro dat veertig uur duurt. Che besluit afscheid te nemen van Fidel. Na een mislukt avontuur in de Congo probeert hij de revolutie naar Bolivia te brengen. Maar de bevolking van Bolivia is tevreden met haar regering. De boeren geven Guevara's verblijfplaats door aan het leger. En zo neemt een groep soldaten Guevara gevangen om hem dood te schieten.

Als Lonsdale-kleding al een probleem is omdat compottheoretici er een neonazi-uniform van maken, dan moet het dragen van een massamoordenaarstronie toch ook vragen oproepen. Het wordt tijd dat docenten en ouders hun verantwoordelijkheid nemen. Ze zouden leerlingen moeten uitleggen waarom het verkeerd is kleding te dragen met daarop Che, de communistische rode ster of de letters CCCP. Het is van belang dat tijdens geschiedenislessen meer aandacht wordt besteed aan de mensenrechtenschendingen en terreur onder het communisme, die het leven hebben gekost aan honderd miljoen mensen. Al te vaak wordt vergeten dat Nederland in 1918 aan de rand van een communistische revolutie stond: het gevaar is dus zeker niet 'ver van mijn bed'.

Maar ik hoor u al zeggen: Lonsdale is toch een racistenmerk? En Che is nog steeds een idool binnen antiracistische kringen! Tja, met zulke vrienden hebben racismebestrijders geen vijanden nodig. De grote antiracist Guevara schreef in een van zijn dagboeken: 'De zwarten, dezelfde prachtige exemplaren van het Afrikaanse ras die hun raszuiverheid hebben behouden dankzij hun geringe enthousiasme voor het nemen van een bad (...) de indolente, dromerige zwarte geeft zijn geld uit aan allerlei frivole zaken of aan een lekker glaasje'. Dat heb ik nog nooit uit de mond van een Lonsdaler gehoord…

Jaap de Wreede

Jaap de Wreede is freelance journalist. Hij schreef onder meer voor NRC Handelsblad, Skrien en Klokkenluider Online. Hij is medeoprichter van Platform de Krijger, een vaderlandslievende denktank en schreef het pamflet Beroep Hoernalist, waarin hij de journalistieke elite fileert. Hoewel hij sympathiseert met het libertarisme, beschouwt hij deze stroming als al te dogmatisch. Zo hebben libertariers volgens De Wreede te weinig oog voor de authenticiteit van sommige collectieve gevoelens, zoals de liefde voor de eigen cultuur. Wel heeft De Wreede goede herinneringen aan de Walk for Capitalism in 2001. Inspiratoren: Frantz Fanon, Ayn Rand, Claire Sterling, Michel Collon.


Stichting MeerVrijheid
webmaster@meervrijheid.nl