Plakkaat van Verlatinge (1581)

Door Redactie

14 januari 2005

Nederland is niet altijd het ingeslapen, gezagsgetrouwe landje geweest dat het nu is. Een land waarin de burger alles maar pikt van zijn regering. We kennen natuurlijk de Gouden Eeuw, de Republiek der Zeven Provinciën, enzovoorts, maar wat minder aandacht heeft gekregen is hoe deze periode überhaupt heeft kunnen ontstaan.

Reeds een eeuw voordat Locke zijn werken schreef over het recht van verzet en revolutie als een regering haar taken niet langer vervult, en reeds twee eeuwen voordat de Verenigde Staten zich afscheidden van de Engelse koning, stelden Nederlanders een document op, het Plakkaat van Verlatinge, waarin werd gesteld dat de koning van Spanje, Filips II, door zijn machtsmisbuik geen recht meer had om Nederland te regeren, en waarin Nederland verklaarde zich af te scheiden van het rijk van de Spaanse koning. Dit document wordt door rechtsgeleerde Alexander Martinenko wel het eerste geschreven document genoemd dat de morele geldigheid van het recht op afscheiding bepleit.

Het Plakkaat van Verlatinge (1581)

De Staten-Generaal van de Verenigde Nederlanden aan allen die dit zullen zien of horen lezen, gegroet.

Het staat voor iedereen vast, dat een vorst door God is aangesteld tot hoofd van zijn onderdanen om hen onder zijn hoede te nemen en te beschermen tegen alle onrecht, leed en geweld, zoals een herder zijn schapen moet beschermen, en dat de onderdanen niet door God geschapen zijn ten behoeve van de vorst, om hem in alles wat hij beveelt onderdanig te zijn en als slaven te dienen. Integendeel, de vorst is er ter wille van de onderdanen, zonder welke hij geen vorst is, om hen rechtvaardig en verstandig te regeren en te verdedigen, en hen lief te hebben als een vader zijn kinderen en een herder zijn schapen; hij zet zijn lichaam en leven op het spel om hen te beschermen.

Wanneer hij dit niet doet, maar in plaats van zijn onderdanen te beschermen probeert hen te onderdrukken, overmatig te belasten, te beroven van hun oude vrijheid, privileges en oude gewoonten, en hen als slaven te bevelen en te gebruiken, moet hij dus niet beschouwd worden als een vorst, maar als een tiran.

Dan staat het zeker zijn onderdanen vrij hem niet meer als vorst te erkennen -vooral nadat er in de Staten van het land overlegd is- maar hem te verlaten en in zijn plaats een ander tot soeverein te kiezen om hen te beschermen, zonder dat dit verkeerd is. Dit is des te meer toegestaan wanneer de onderdanen hun vorst niet hebben kunnen vermurwen door nederige betogen ... en dus geen ander middel meer hebben om de aangeboren vrijheid van hen zelf en hun vrouwen, kinderen en nakomelingen te verdedigen en te beschermen. Hiertoe zijn zij volgens de wet der natuur verplicht goed en bloed op het spel te zetten.

[...]

De meeste van al deze landen hebben immers hun vorst aanvaard op grond van voorwaarden, overeenkomsten en akkoorden; wanneer de vorst deze breekt, heeft hij ook rechtens de heerschappij over het land verbeurd.

De koning van Spanje vergat na het overlijden van keizer Karel V zaliger nagedachtenis, van wie hij al de Nederlanden had geërfd, de diensten die deze landen en hun onderdanen zowel zijn vader als hem hadden bewezen. [...] de Raad van Spanje [...] of een aantal voorname leden daarvan, heeft de koning voorgehouden, dat het voor zijn reputatie en majesteit beter was om deze Nederlanden opnieuw te veroveren om er vrij en absoluut over te kunnen heersen (dat betekent hen naar eigen goed dunken te tiranniseren) in plaats van te regeren onder zulke voorwaarden en beperkingen als hij met een eed had moeten bevestigen toen hij de heerschappij over deze landen overnam.

Op hun advies heeft de koning sindsdien met alle middelen geprobeerd om deze landen van hun oude vrijheden te beroven en hen in slavernij onder de regering van de Spanjaarden te brengen.

[...]

Hij schreef zelfs dat hij van plan was in eigen persoon te komen om in alles tot ieders tevredenheid orde op zaken te stellen. ...

Hoewel hij niet bevoegd was over hen (Egmond en Horne) recht te spreken, liet hij hen in staat van beschuldiging stellen. Ten slotte liet hij hen, zonder hen volledig te horen, ter dood veroordelen en in het openbaar smadelijk terecht stellen. ...

DAAROM MAKEN WIJ BEKEND dat wij, door de uiterste nood gedwongen, na onderling overleg en met algemene stemmen de koning van Spanje hebben verklaard en verklaren bij dezen ipso iure vervallen te zijn van zijn heerschappij, jurisdictie en erfelijke aanspraken op deze landen. ...Wij verklaren bijgevolg alle ambtsdragers, rechters ... van welke positie ook, voortaan ontslagen van de eed die zij de Koning van Spanje als Heer van deze landen misschien hebben gezworen, of zouden hebben moeten zweren. ...

Gedaan in onze vergadering in 's-Gravenhage, de zesentwintigste juli 1581

Gerelateerde links:
- De oorlog van St. Abraham en het huidige buitenlandse beleid
- Artikelen over het Recht op Afscheiding op Meervrijheid.nl
- The Constitutional Right to Secession in Political Theory and History
- www.onsverleden.net


Stichting MeerVrijheid
webmaster@meervrijheid.nl