“Geen enkele overheid is van nature liberaal. ”
Ludwig von Mises

Eerlijk spel

Door Rein Philips

3 oktober 2004

‘Politiek voelt weinig voor referendum Turkije’, kopte het NRC Handelsblad op 11 september 2004. Onder andere onze premier Balkenende is tegen een referendum en formuleert ter verklaring tegen de krant een paar zinnen waarin hij zoals gewoonlijk niet ter zake komt. Zo heeft hij het onder andere over ‘fair play’ tegenover Turkije. Wat bedoelt hij? Dat het hier om een spelletje gaat? Moeten wij Turkije dan misschien laten winnen omdat ze zo goed hun best hebben gedaan? Heeft onze regering Turkije zoveel hoop gegeven dat zij voor aap zou staan, als zou blijken dat het Nederlandse volk haar niet steunt? En moeten wij daarom hun rechtssysteem gaan subsidiëren, zodat men daar de overspelige vrouwen op gepaste wijze kan straffen? Oh nee, dat Turkije van plan was een dergelijke wet aan te nemen wist Balkenende 11 september nog niet.

Toen het de Commissie van de Europese Unie ter ore kwam, liet zij Turkije onmiddellijk weten, op zo’n moment indirect namens Nederland sprekend, dat, “het aannemen van de wet, de Europese aspiraties van Turkije ernstig zou schaden”.
Zo chanteert de EU aan de ene kant de Turkse wetgever en speelt aan de andere kant de regeringen van de lidstaten “fair play” argumenten toe. Turkije laat natuurlijk zien dat haar ‘Europese aspiraties’ voorrang hebben en neemt de wet niet aan. De mensen achter de lobby die de wet in Turkije op tafel hebben gekregen, moeten hun vrouw voorlopig zelf straffen.

Goed, bij het CDA zit de voorstander van het referendum dus fout, maar dat wisten we eigenlijk al. Alleen zou ik het in naam van Openbaarheid van Bestuur wel op prijs stellen als onze premier zijn mening helder en naar waarheid zou willen motiveren. In het geval van het referendum had hij wat mij betreft kunnen volstaan met; “Ja, ik ben tegen een referendum, ik bepaal liever zelf wat goed is voor het volk”. Of iets in die trant.



Democratie, met mate
Nee, voor een echte democratische partij moet je bij D66 zijn. Van oudsher groot voorstander van de volksraadpleging en decentralisatie. Maar wie schetst mijn verbazing. In hetzelfde artikel iets verderop zegt kamerlid voor D66, mevrouw van der Laan: ,,D66 is zeer vóór de invoering van het referendum in het Nederlands staatsbestel, maar met betrekking tot Turkije is het te laat”. Wanneer is het in een democratie te laat om het volk te laten beslissen over haar eigen investeringen, kortom, over haar eigen toekomst? Turkije is toch nog niet toegetreden? Ik had begrepen dat 2016 geprikt was.
Zo mogelijk nog opmerkelijker is het feit dat de uitspraken van de premier en het kamerlid suggereren dat het er naar uitziet dat de Tweede kamer, onze volksvertegenwoordiging, de toetreding van Turkije niet in de weg zal staan. Terwijl zij tegelijkertijd veronderstellen dat de meerderheid van het Nederlandse volk er best eens tegen zou kunnen zijn.

Toch maar even de gehele motivering voor de afkeuring van het referendum door onze premier, zoals weergegeven in het NRC van 11 september:
Premier Balkenende meent dat de mechanismen van de ,,representatieve democratie” toereikend zijn om over een Turks lidmaatschap te zijner tijd met de Tweede Kamer een beslissing te nemen. Balkenende zei zeer te hechten aan 'fair play' jegens de Turken, aan wie in het verleden beloften zijn gedaan ten aanzien van EU-lidmaatschap. De dialoog met Turkije moet 'waardig' gevoerd worden, aldus de premier.


Wie de tekst nauwkeurig bestudeert leest:
Premier Balkenende meent dat er mechanismen zijn die zorgen voor een toereikende discrepantie tussen het volk en de Tweede Kamer. Dankzij die discrepantie er goede kans is dat beloftes die de Nederlandse regering buiten het volk om heeft gedaan kunnen worden nagekomen. Dat is belangrijk want Balkenende wil in zijn dialoog met Turkije zijn waardigheid behouden.

Er zijn mensen tegen de monetaire Unie. Er zijn mensen tegen uitbreiding van de Unie. Er zijn mensen tegen landbouw subsidies. En er zijn mensen tegen elke vorm van bemoeienis van de overheid in de economie in eigen land, laat staan in een ander land. Er zijn mensen tegen de uitbreidende wetgevende bevoegdheden van de EG. Er zijn mensen tegen de Europese Grondwet.
“Die mensen zien het grotere plaatje niet”, zeggen de voorstanders wijs en vriendelijk. “Zij kunnen de politieke en economische voordelen op lange termijn niet overzien.” Wie het ‘kleine plaatje’ van Nederland ziet zal in elk geval moeten toegeven dat de politiek op dat niveau niet veel dieper kan zinken:

*Er wordt schaamteloos gejat, nota bene daar waar bepaald wordt wat kinderen leren moeten: het Ministerie van Onderwijs.
*Er wordt sinds 1995 gelogen en bedrogen op het Ministerie van Verkeer en Waterstaat.
*Het Ministerie van Defensie stuurt Nederlandse soldaten naar een land dat ons met geen haar gekrenkt heeft.
*Het hele volk is gedwongen zich voor zorg en sociale zekerheid te verzekeren bij de verzekeringsmonopolies van de staat. Zoals alle monopolies werken zij hoe langer hoe minder efficiënt en komen hun verplichtingen tegenover hun cliëntèle steeds slechter na.
*Er zijn hele delen van de grote steden, waaronder onze hoofdstad, die door justitie gemeden worden om veiligheidsredenen, maar aan de andere kant haast zij zich om nieuwe systemen te bedenken om mensen die tien kilometer per uur te hard rijden niet te laten ontsnappen.
*Laat ik vooral de toenemende bevoegdheden voor justitie om inbreuk te maken op privacy rechten en de vrijheid van meningsuiting niet vergeten. (Hoe is het toch mogelijk dat ons immer goedbedoelende en correcte landje het doelwit is geworden haatdragende, zichzelf opblazende godsdienstfanaten?)

De vraag is, is er werkelijk reden om aan te nemen dat het allemaal beter en eerlijker zal gaan wanneer de zaken op Europees niveau geregeld worden, waar Duitse en Franse regeerders meer gewicht in de schaal leggen? Of wordt de fraude alleen grootschaliger en de reis van het slechte nieuws naar de burger langer?

De geschiedenis zal het leren maar in het NRC van 16 september jl. krijgen wij alvast voorproefje:

Europese maatregelen pakken vaak tientallen miljoenen euro's duurder uit dan door Nederlandse regering vooraf is geraamd. Bovendien slagen diverse departementen er onvoldoende in om de Tweede Kamer tijdig en goed onderbouwd te informeren over de (financiële) gevolgen van Brusselse maatregelen. De Tweede Kamer zelf is matig geïnteresseerd in deze informatie.

Rein Philips

Stichting MeerVrijheid
webmaster@meervrijheid.nl